Naar hoofdinhoud
Indien de belanghebbende niet bereid is tot het treffen van een minnelijke betalingsregeling, of een eerder opgelegde betalingsverplichting niet meer nakomt, dan wordt het terugvorderingsbesluit ten uitvoer gelegd door middel van: verrekening met de maandelijks verleende bijstand of uitkering, op grond van artikel 48, vijfde lid, en artikel 60, derde lid, van de PARTICIPATIEWET, artikel 28, tweede lid en derde lid, van de IOAW, artikel 28, tweede en derde lid, van de IOAZ, of bij het ontbreken van deze mogelijkheid; een executoriaal beslag overeenkomstig artikel 479g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, of; beslag in de zin van het Tweede Boek van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering, of: een conservatoir beslag in de zin van het Derde Boek van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering. Als invordering eenmaal heeft plaatsgevonden door middel van dwangincasso dan is kwijtschelding op grond van beleidsregel 11 tot en met 13, voor alle aanwezige vorderingen niet meer mogelijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel