De precariobelasting wordt niet geheven voor het hebben van:
voorwerpen, waarvan de gemeente genot hebbende ingevolge eigendom, bezit of beperkt recht is, met uitzondering van voorwerpen die in gebruik zijn bij een derde;
[vervallen]
het hebben van voorwerpen, wanneer dit plaatsvindt bij gelegenheid en ter opluistering van nationale of gemeentelijke feestdagen, kermissen, winkelweken, buurtfeesten, wijkrommelmarkten, tentoonstellingen, aanwijzingen in het belang van het toeristenverkeer en dergelijke, voor zover deze niet strikt dienen tot reclame voor enig particulier bedrijf;
het hebben van voorwerpen, indien dit strekt tot bevordering van een liefdadig doel, wetenschap, kunst, onderwijs of een algemeen belang, voor zover op de voorwerpen enz. geen reclame ten behoeve van derden wordt gemaakt;
het hebben van vlaggenstokken, vlaggen en wimpels, niet ten doel hebbend reclame te maken.
voorwerpen, indien de gemeente ter zake van het gebruik van de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond waarop het voorwerp of de voorwerpen zich bevinden een recht heft op grond van artikel 229, eerste lid, onderdeel a, van de Gemeentewet, dan wel een privaatrechtelijke vergoeding is overeengekomen;
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2023