Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 21.

Criteria voor toekenning van een individuele voorziening

Onderdeel van Verordening sociaal domein gemeente Haarlemmermeer 2023

1.. Een jeugdige of ouder komt in aanmerking voor een door het college toegekende individuele voorziening als het college van oordeel is dat de jeugdige of ouder jeugdhulp nodig heeft in verband met opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen of stoornissen en voor zover de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen ontoereikend zijn en gebruikmaking van een algemene voorziening deze noodzaak niet kan verminderen of wegnemen. Jeugdhulp wordt alleen vergoed als de voorziening(en) noodzakelijk is/zijn voor het bereiken van de geformuleerde behandeldoelen van een jeugdhulpverleningstraject. 2.. Als een individuele voorziening noodzakelijk is, verstrekt het college de goedkoopste, passende, tijdig beschikbare voorziening. Als een jeugdige toch een duurdere voorziening wil die eveneens passend is, komen de meerkosten voor rekening van de jeugdige en/of zijn (pleeg)ouders/verzorgers. In dergelijke situaties zal -mits aan de voorwaarden voor het verstrekken van een pgb wordt voldaan -de verstrekking plaatsvinden in de vorm van een pgb gebaseerd op de kosten van de goedkoopst passende voorziening. 3.. Jeugdhulpverlening vindt zoveel als mogelijk plaats in de buurt van de woonplaats c.q. het netwerk van de jeugdige. Uitgangspunt voor het college is dat de jeugdhulp plaatsvindt binnen de landsgrenzen. Jeugdhulp in het buitenland kan alleen in uitzonderingsgevallen toegekend worden, indien er geen (ander) passend aanbod is en het belang van de jeugdige hulpverlening in het buitenland noodzakelijk maakt. Het college kan nadere regels vaststellen omtrent onder meer de aanvraag, nadere voorwaarden, en wijze en hoogte van de vergoeding voor hulpverlening in het buitenland. 4.. Als een individuele voorziening noodzakelijk is verwijst het college naar een jeugdhulpaanbieder waarmee het college een contract- of subsidierelatie heeft, tenzij naar het oordeel van het college de gecontracteerde of gesubsidieerde jeugdhulpaanbieders niet in staat zijn de bij de verwijzing passende jeugdhulp te leveren. 5.. Voor het bepalen van het soort individuele voorziening dat het college inzet, sluit het aan bij hetgeen in deze verordening en in de beschrijving van de voorzieningen (zie bijlage 1 Beschrijving voorzieningen Jeugdwet) en in de door of namens het college gesloten overeenkomsten met of verleende subsidiebesluiten aan jeugdhulpaanbieders voor het leveren van voorzieningen is bepaald. 6.. Een algemene voorziening die passend en toereikend is, is voorliggend op een individuele voorziening. In elke individuele situatie moet eerst worden beoordeeld of een algemene voorziening passend en toereikend is voor de gestelde jeugdhulpvraag. Als dit zo is, komen jeugdigen en zijn ouder(s) niet in aanmerking voor een individuele voorziening. Dit geldt als de algemene voorziening: daadwerkelijk beschikbaar is voor de jeugdige en/of de ouder(s); passend en toereikend is voor de jeugdige en/of de ouder(s). 7.. Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot (verdere) criteria voor toekenning van een individuele voorziening en toegang via het college en gemandateerde professionals.

Rechtspraak bij dit artikel