Naar hoofdinhoud

Artikel 10.

Termijnen van betaling

Onderdeel van Verordening Riool- en Waterzorgheffing

1.. De voorlopig gevorderde bedragen en het definitief gevorderde bedrag op grond van artikel 2 lid 1 die worden geheven op basis van artikel 8 lid1 , moeten worden betaald tegelijk met en op dezelfde wijze als die waarop de voorschotnota’s en de eindafrekeningsnota van de waterleidingmaatschappij moeten worden betaald. 2.. De door de gemeente rechtstreeks opgelegde aanslagen moeten, in afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990, worden betaald in een termijn waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 3.. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel