De voorzitter, plaatsvervangend voorzitter en de leden worden benoemd voor een termijn van vier jaar en kunnen desgewenst ten hoogste één keer voor maximaal vier jaar worden herbenoemd.
In afwijking van lid 1 kan het college de voorzitter, plaatsvervangend voorzitter of een lid, in een naar het oordeel van het college bijzonder geval, na de tweede termijn zoals genoemd in lid 1 nog éénmaal worden herbenoemd als voorzitter of plaatsvervangend voorzitter voor de maximale periode van vier jaar.
Het college verleent de voorzitter, plaatsvervangend voorzitter of een lid ontslag wanneer:
hij daarom verzoekt;
hij een functie heeft aanvaard die bij deze verordening onverenigbaar is verklaard met het lidmaatschap van deze functie;
hij naar het oordeel van het college niet langer geschikt is voor het lidmaatschap van de commissie;
hij naar het oordeel van het college door handelen of nalaten het aanzien van de commissie ernstig schaadt.
Artikel 6
Zittingsduur
Onderdeel van Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Súdwest-Fryslân 2023-2026