Het dagelijks bestuur stelt jaarlijks voor 30 april een voorlopige jaarrekening van het afgelopen kalenderjaar op en zendt deze, voorzien van een toelichting, toe aan de raden.
Van de inkomsten en uitgaven wordt door het dagelijks bestuur over elk kalenderjaar verantwoording gedaan aan het algemeen bestuur onder overlegging van de daarbij behorende bescheiden.
Het dagelijks bestuur voegt daarbij een verslag van een onderzoek naar de deugdelijkheid van de rekening, ingesteld door de overeenkomstig artikel 213 Gemeentewet aangewezen deskundige.
Het algemeen bestuur stelt de rekening van het voorafgaande jaar vast en zendt deze binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli aan gedeputeerde staten. Van de vaststelling doet het dagelijks bestuur mededeling aan de raden.
De vaststelling van de jaarrekening stelt het dagelijks bestuur tot décharge, behoudens later in rechte gebleken onregelmatigheden.
Artikel 22
Jaarrekening
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningschap Fryslân-West 2023