Naar hoofdinhoud
1.. De minderjarige belanghebbende van 12 jaar en ouder wordt de gelegenheid geboden diens mening mondeling, of indien de minderjarige dit zegt te willen, schriftelijk kenbaar te maken. De minderjarige van 11 jaar en jonger wordt de gelegenheid geboden diens mening te geven, indien de minderjarige volgens de deskundige in staat is tot een redelijke waardering van zijn belangen. 2.. Het horen kan in beginsel achterwege blijven indien de mening van de minderjarige op een minder belastende wijze kan worden achterhaald. 3.. Het horen van jeugdigen gebeurt door een deskundige. Dit kan een persoon zijn die niet lid is van de commissie. De deskundige heeft bij voorkeur een specifieke opleiding gevolgd voor het horen van (meestal kwetsbare) kinderen. 4.. Bij het horen is geen ander persoon aanwezig dan degene die hoort en de jeugdige die gehoord wordt, dan tenzij de jeugdige nadrukkelijk aangeeft. 5.. Het horen gebeurt nadat de minderjarige op zijn niveau, via de voor de minderjarige gebruikelijke communicatiekanalen, in begrijpelijke taal is voorgelicht over de bezwaarprocedure en over de daarbij behorende mogelijkheden en rechten voor de minderjarige. 6.. De deskundige brengt een schriftelijk verslag uit aan de commissie. Dit verslag is begrijpelijk voor de jeugdige. Nadat de jeugdige voldoende tijd heeft gekregen om het verslag te lezen en onder voorwaarde dat de jeugdige hiermee heeft ingestemd, wordt het verslag gedeeld met belanghebbenden en het bestuursorgaan. Op verzoek van de jeugdige wordt er een aanvullende mondeling toelichting op het verslag gegeven. 7.. Van het horen van de overige belanghebbenden en het bestuursorgaan wordt op gebruikelijke wijze een verslag gemaakt.

Rechtspraak bij dit artikel