Beleidsregel 2.2.1 Maatwerkvoorziening schoon huis, maaltijdverzorging en kindverzorging
Een maatwerkvoorziening schoon huis, maaltijdverzorging en kindverzorging, is noodzakelijk wanneer een cliënt (en diens huisgenoten) beperkingen ondervindt bij het verrichten (van een deel) van deze taken.
Wet- en regelgeving: Wmo artikel 1.1.1, Verordening artikel 7
De huishoudelijke taken en de frequentie van deze taken behorend bij de maatwerkvoorziening schoon huis, de maaltijdverzorging en de kindverzorging zijn te vinden in bijlage 1 van deze beleidsregels.
De algemene basisvoorziening schoon huis (beleidsregel 1.4.1) kan worden aangevuld met een maatwerkvoorziening schoon huis.
Beleidsregel 2.2.2 taken maatwerkvoorzienig schoon huis, maaltijdverzorging en kindverzorging:
Bij de maatwerkvoorziening schoon huis, bij maaltijdverzorging en bij kindverzorging geldt als uitgangspunt dat de voor de cliënt (en diens huisgenoten) noodzakelijke taken, gelet op de medische situatie of beperkingen, met een vastgestelde frequentie kunnen worden toegekend.
Wet- en regelgeving: Wmo artikel 1.1.1, artikel 1.2.1, artikel 2.3.2 lid 4 sub b, artikel 2.3.5 lid 3, 4 en 5 sub a en Verordening artikel 4 lid 1 sub c, artikel 7
Beleidsregel 2.2.3 mate ondersteuning maatwerkvoorziening schoon huis, maaltijdverzorging en kindverzorging:
De mate van de ondersteuning voor de maatwerkvoorziening schoon huis, voor maaltijdverzorging en voor kindverzorging wordt berekend op basis van uren per kalenderjaar.
Wet- en regelgeving: Verordening artikel 7
Voor alle huishoudelijke taken en voor de taken ten aanzien van maaltijdverzorging en kindverzorging geldt een normering zoals opgenomen in bijlage 1. De normering voor de basisvoorziening schoon van 105 uur per kalenderjaar per huishouden is gebaseerd op een in jurisprudentie geaccepteerd onderzoek van KPMG Plexus en bureau HHM. De aanvulling op de basisvoorziening schoon huis, de maaltijdverzorging en de kindverzorging is gebaseerd op de systematiek zoals die tot 2007 ook onder de AWBZ werd gehanteerd.