**1..** Toont een belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening van het bestaan volgens artikel 18 lid 2, dan wordt de uitkeringsnorm verlaagd.
De verlaging is:
10% van de bijstandsnorm voor de duur van 3 maanden bij een benadelingsbedrag tot € 3.000;
10% van de bijstandsnorm voor de duur van 6 maanden bij een benadelingsbedrag vanaf € 3.000 tot € 7.500;
15% van de bijstandsnorm voor de duur van 6 maanden bij een benadelingsbedrag vanaf € 7.500 tot € 25.000;
20% van de bijstandsnorm voor de duur van 6 maanden bij een benadelingsbedrag van € 25.000; of meer.
** 2. .** Indien een belanghebbende door eigen toedoen afhankelijk wordt van de bijstand dan wordt de bijstand op deze gedraging afgestemd met een verlaging van 100% van de uitkeringsnorm gedurende een maand.
** 3. .** Toont een belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid van het bestaan en is de hoogte van het benadelingsbedrag niet vast te stellen, dan is de verlaging in principe 20% van de uitkeringsnorm voor de duur van één maand.
Hoofdstuk 4.
Artikel 13.
Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid Pw
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Nederweert 2023