Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Hoogte individuele inkomenstoeslag

Onderdeel van Verordening individuele inkomenstoeslag Uithoorn 2023

1.. Een individuele inkomenstoeslag bedraagt per kalenderjaar: € 470,-- voor een alleenstaande; € 546,-- voor gehuwden € 470,-- voor een alleenstaande ouder; Voor de alleenstaande ouder en gehuwden met kinderen komt bovenop het bedrag genoemd in b en c, een bedrag van € 125,-- voor het eerste ten laste komend kind en € 65,-- voor ieder volgend ten laste komend kind; 2.. De bedragen bij lid 1 kunnen afwijken als de aanvrager een inkomen heeft dat hoger is dan 125% van de bijstandsnorm. Daarvan wordt afgetrokken het verschil in bedrag tussen het inkomen op de peildatum en 125% van de bijstandsnorm. 3.. Als één van de partners geen recht heeft op individuele inkomenstoeslag volgens de artikelen 11 of 13, lid 1, van de Participatiewet, dan geldt voor de partner die daar wel recht op heeft een individuele inkomenstoeslag voor een alleenstaande of alleenstaande ouder. 4.. Voor toepassing van lid 1, 2 en 3 wordt van de situatie uitgegaan zoals die is op de peildatum. 5.. De bedragen genoemd bij lid 1 worden elk jaar aangepast (geïndexeerd) volgens de ontwikkelingen van de consumentenprijsindex (CPI) van het voorgaande kalenderjaar volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. De bedragen worden naar boven afgerond op hele euro’s.

Rechtspraak bij dit artikel