De nota bodembeheer heeft betrekking op toepassingen van grond en baggerspecie op landbodem binnen het bodembeheergebied van de gemeente Laarbeek.
Het toepassen van partijen grond en baggerspecie is enkel toegestaan indien sprake is van een functionele en nuttige toepassing (uitleg zie begrippenlijst). Indien hiervan geen sprake is, dan is sprake van het ontdoen van afvalstoffen en gelden strenge regels conform de Europese Kaderrichtlijn afvalstoffen.
In deze nota zijn gebiedsspecifieke toepassingseisen opgenomen voor grond en baggerspecie afkomstig uit het eigen bodembeheergebied. Het gebiedsspecifieke beleid is niet van toepassing binnen bijzondere gebieden, indien dat in strijd is met de regels uit de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant [5]. Voor de gemeente Laarbeek zijn dit de gebieden van Natuurnetwerk Brabant en het waterwingebied Lieshout.
Voor het toepassen van partijen grond en baggerspecie afkomstig van buiten het bodembeheergebied van Laarbeek, gelden hoofdzakelijk de regels van het generieke (landelijke) toetsingskader van het Besluit bodemkwaliteit. Er zijn enkele aanvullende gebiedsspecifieke toepassingseisen van toepassing (o.a. het percentage bijmengingen met bodemvreemde materialen).
Toepassingen van grond en baggerspecie in oppervlaktewater vallen buiten deze nota, omdat het college van B&W hiervoor niet het bevoegde gezag is, maar Waterschap Aa en Maas of Rijkswaterstaat.
Er dient rekening mee te worden gehouden dat met betrekking tot werkzaamheden op of in de bodem nog andere wetgeving van toepassing kan zijn, zoals bijvoorbeeld:
Wet milieubeheer (melding of vergunning voor opslag van grond);
Besluit asbestwegen milieubeheer;
Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (melding of vergunning voor ontgronding);
Archeologische beleidskaart Laarbeek (regels met betrekking tot archeologie).