Ook in het geval van het aantreffen van softdrugs in een publiek toegankelijk inrichting of lokaal wordt allereerst gekeken naar de aanwezigheid van één of meer handelsindicaties.
Indien er sprake is van een handelshoeveelheid softdrugs/hennepplanten volgt in principe een sluiting, mits er sprake is van één of meer van de hiervoor genoemde indicaties.
Voorts kan ook het enkel aantreffen van een handelshoeveelheid in een inrichting leiden tot een sluiting indien er sprake is van een slechte of gebrekkige bedrijfsvoering. De indicatoren zijn niet limitatief. Van een sluiting kan worden afgezien indien sprake is van bijzondere omstandigheden. In het geval een inrichting niet wordt gesloten, wordt er wel een bestuurlijke waarschuwing gegeven.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.4
Artikel 2.4.2