Naar hoofdinhoud

Afdeling III

Artikel 9

Artikel 9

Onderdeel van Parkeerverordening 2023

1.. Het is verboden parkeerapparatuur op andere wijze of met andere middelen, dan wel met andere munten dan die in welke in de kennisgeving op de parkeerapparatuur staat aangegeven in werking te stellen. 2.. Het is verboden op een parkeerapparatuurplaats gedurende de tijden waarop het parkeren daar slechts tegen betaling is toegestaan: een motorvoertuig of een brommobiel te parkeren indien de parkeerapparatuur niet in werking is gesteld of niet onmiddellijk na aanvang van het parkeren in werking is gesteld; een motorvoertuig of een brommobiel geparkeerd te houder indien de parkeerapparatuur aangeeft dat de parkeertermijn is verstreken. 3.. Het in het tweede lid vervatte verbod geldt niet wanneer aan de eigenaar of houder van het motorvoertuig of een brommobiel een vergunning is verleend voor het parkeren op de betreffende categorie parkeerapparatuurplaatsen en er niet gehandeld wordt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorwaarden. 4.. Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in het tweede lid van dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel