In 2019 wordt de nieuwe Omgevingswet van kracht. Met de Omgevingswet worden de regels voor ruimtelijke projecten vereenvoudigd en gebundeld. Een belangrijk uitgangspunt in de Omgevingswet is het vertrouwen in decentrale overheden en de hieruit voortkomende ruimte voor gemeenten, waterschappen en provincies om eigen beleid te voeren, de beleidsvrijheid in het stedelijk water(keten)beheer neemt dus toe.
Op nationaal niveau vervalt een aantal “regels” die relevant zijn voor de uitvoeringspraktijk van het stedelijk waterbeheer en het beheer van de waterketen. Gemeenten en waterschappen staan voor de uitdaging om met de eigen bestuurlijke afwegingsruimte op lokaal en regionaal niveau beleidskeuzes te maken en zo nodig regels te formuleren. Dit vraagt om maatwerk en onderlinge afstemming.
In de omgevingsvisie zal ook aandacht moeten zijn voor de visie op de waterketen, een aantal regels over lozingen dat nu landelijk is vastgelegd, zal lokaal een plaats moeten krijgen in het omgevingsplan. Wat we gaan doen, onze aanpak, krijgt uiteindelijk zijn plaats in het omgevingsprogramma.
Het uitwerken van de gevolgen van de omgevingswet is bij uitstek een onderwerp dat in samenwerking Afvalwaterteam Etten kan worden opgepakt.
Maar ook lokaal zal dit met alle betrokken afdelingen besproken moet worden. De oplossingen om meer water binnen een gebied op te slaan gaan nauw samen met ruimtelijke ontwikkelingen. Grotere betrokkenheid bij ruimtelijke ontwikkelingen is noodzaak.
Samenwerking met RO-mensen wordt dus belangrijker, vanaf het allereerste beginstadium van omgevings- en andere ruimtelijke plannen. Onze betrokkenheid bij de ontwikkeling en bestemmingsfase van plannen wordt steeds belangrijker. We zullen daarom als rioleringsbeheerders nog actiever de ontwikkelingen vinnen de organisatie moeten opzoeken.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.7
Omgevingswet
Onderdeel van Gemeentelijk rioleringsplan Oude IJsselstreek 2017-2020 stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwatermaatregelen