Voor de mate van energiezuinigheid beschrijft het warmteplan de energieprestatie van de voorziening voor de levering van warmte en koude ; het collectieve energiesysteem. Deze energieprestatie wordt bepaald door:
De energiezuinigheid van het collectieve energiesysteem van bron tot en met het leveringspunt voor ruimteverwarming, koude en warmtapwater in de gebouwen. Bepalend hiervoor is het rendement van de opwekking en afgifte uitgedrukt in Fpdel (vanaf 1 januari 2021), is gelijk aan 1/EOR, alsmede het aandeel hernieuwbare energie hierin uitgedrukt in Fpren.
Voor de bescherming van het milieu beschrijft het warmteplan de volgende criteria:
Bijdrage aan achtergrondwaarde van fijnstof in het warmteplangebied
Hoofdstuk 2
Artikel 2.4
Criteria: mate van energiezuinigheid en bescherming van het milieu
Onderdeel van Warmteplan Amstel III-Paasheuvelweggebied en omgeving