Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 2.

Artikel 2:10

Voorwerpen op of aan de weg

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente IJsselstein 2023

1.. Het is verboden de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan, als dat gebruik: schade toebrengt of kan toebrengen aan de weg, de bruikbaarheid van de weg belemmert of kan belemmeren, dan wel een belemmering vormt of kan vormen voor het beheer of onderhoud van de weg; of niet voldoet aan redelijke eisen van welstand. 2.. Van een belemmering voor de bruikbaarheid van de weg is in ieder geval sprake wanneer: door het bevoegd gezag, binnen 14 dagen voor aanvang van het beoogde gebruik, geen melding is ontvangen waarbij door de melder is verklaard dat er geen van de hierna genoemde belemmeringen aan de orde is; niet ten minste een vrije doorgang van 1 strekkende meter wordt gelaten op voetpaden en van 3,5 strekkende meter op de rijbaan voor fietsers of gemotoriseerd verkeer; het beoogde gebruik plaatsvindt binnen het gebied waar betaald parkeren geldt; het beoogde gebruik langer dan 10 werkdagen duurt; het beoogde gebruik meer dan 12 m2 omvat; het beoogde gebruik leidt tot aantasting van openbare groenvoorzieningen; 3.. Het college kan in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving nadere regels stellen voor terrassen, bouwcontainers, bouwsteigers en andere bouwmaterialen, uitstallingen en reclameborden. 4.. Het bevoegde bestuursorgaan kan ontheffing verlenen van het verbod. 5.. De ontheffing wordt verleend als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag als het in het eerste lid bedoelde gebruik een activiteit betreft als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j of k, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 6.. Het verbod is niet van toepassing op: evenementen als bedoeld in artikel 2:24; standplaatsen als bedoeld in artikel 5:17; spandoeken boven de weg, mits de plaatsing daarvan vooraf door het bevoegde bestuursorgaan is goedgekeurd; het gebruik voor het plaatsen van een mobiele onderzoeksunit die wordt gebruikt voor het doen van bevolkingsonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op het bevolkingsonderzoek; overige gevallen waarin krachtens een wettelijke regeling een vergunning voor het gebruik van de weg is verleend. 7.. Het verbod is voorts niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatwerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994 of de provinciale wegenverordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel