Voor het plaatsen van een gedenkteken of meerjarige beplanting op een (urnen-)graf, een urnenplaats en gedenkplaats is vooraf een vergunning nodig van het college.
De rechthebbende van een particulier (urnen-)graf, urnenplaats en gedenkplaats vraagt de vergunning voor het plaatsen van het gedenkteken of meerjarige beplanting aan.
Het college kan nadere regels vaststellen voor de wijze van indienen van de vergunningaanvraag, de aard en de afmetingen van de grafbedekking, en de wijze van aanbrengen of plaatsing.
Het college gaat akkoord met de vergunningaanvraag indien:
voldaan wordt aan de vastgestelde nadere regels, genoemd in het derde lid;
geen afbreuk gedaan wordt aan het aanzien van de begraafplaats;
de duurzaamheid van de materialen voldoende is;
de constructie van het gedenkteken deugdelijk is;
het opschrift niet aanstootgevend is;
aan de financiële verplichtingen behorend bij de uitgifte van een graf, urnenplaats en gedenkplaats voldaan is.
Voor plaatsing van een gedenkteken, meerjarige beplanting of oprichting van een urnenplaats of gedenkplaats is altijd toestemming van de beheerder nodig voor het tijdstip van en handelwijze bij uitvoering van de werkzaamheden.
Het college kan in bijzondere situaties de rechthebbende op een particulier (urnen-)graf, urnenplaats of gedenkplaats vergunning verlenen voor een grafbedekking die afwijkt van de voorwaarden van de gestelde nadere regels.
Hoofdstuk 5
Artikel 22