Naar hoofdinhoud
De melding tot het plaatsen, aanbrengen of wijzigen van een gedenkteken op een (urnen-)graf, urnenplaats en gedenkplaats moet schriftelijk worden gedaan bij de beheerder van de begraafplaats, uiterlijk een maand voor plaatsing. Het verzoek dient te bevatten: NAW-gegevens en handtekening van de rechthebbende van het graf, de urnenplaats of de gedenkplaats; de naam en het adres van de aanvrager en indien deze een ander is dan de rechthebbende tevens de toestemming van de betreffende rechthebbende om eigenaar van de grafbedekking te zijn; de naam van de begraafplaats, de ligging (grafveld) en nummer van het graf of de plaats; naam en adres van degene die de te verrichten werkzaamheden op de begraafplaats uitvoert; een werktekening (in tweevoud), schaal 1:10, waarin aangegeven: een boven-, voor- en zijaanzicht met alle hoogte-, breedte-, dikte- en lengtematen; de soort en kleur van het materiaal van het gedenkteken en de bewerking ervan; de vermelding of de letters en/of tekens, ingehakt, opgehakt of van een ander materiaal zijn; de woordindeling van het opschrift en de plaats van de figuratie(s); de soort van het materiaal van de fundering en de wijze van bevestiging van het gedenkteken daarop; de soort vaste planten indien het een levende grafbedekking betreft. Voor gewenste grafbedekkingen die niet voldoen aan de voorwaarden van artikel 12, lid 1 t/m 4 van de nadere regels, ornamenten voor op het (urnen-)graf, een bovengrondse urnenplaats of een gedenkplaats inbegrepen, kan de beheerder afwijkend besluiten mits het gedenkteken duurzaam en esthetische inpasbaar is. De beslissing op de vergunningaanvraag wordt door de beheerder schriftelijk meegedeeld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel