Het is verboden om enig voorwerp, niet zijnde een motorvoertuig, te plaatsen of te laten staan:
op een parkeerapparatuurplaats;
op een belanghebbendenplaats.
Het is verboden een fiets, een bromfiets of enig ander voorwerp op zodanige wijze tegen of bij parkeerapparatuur te plaatsen of te laten staan, dat daardoor een normaal gebruik daarvan wordt belemmerd of verhinderd.
Het is verboden parkeerapparatuur op andere wijze of met andere middelen, dan wel met andere munten dan die welke in de kennisgeving op de parkeerapparatuur staan aangegeven in werking te stellen.
Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een belanghebbendenplaats slechts aan vergunninghouders is toegestaan aldaar een motorvoertuig te parkeren of geparkeerd te houden:
zonder vergunning;
zonder dat het motorvoertuig duidelijk zichtbaar is voorzien van de voor dat motorvoertuig afgegeven vergunning;
in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften.
Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste en vierde lid van dit artikel.