Naar hoofdinhoud

Artikel 3

– Uitwerking van het gebruik van voorliggende voorzieningen

Onderdeel van Nadere regels noodsteun aan verenigingen en stichtingen zonder winstoogmerk vanwege de energiecrisis

Het gebruik van de in artikel 5 van de verordening bedoelde voorliggende voorzieningen wordt als volgt verder uitgewerkt: De Vereniging of Stichting die een beroep doet op Noodsteun moet door middel van de verstrekking van (i) de jaarrekening 2022 en indien nog niet gereed de jaarrekening 2021 en de voorlopige cijfers 2022 en (ii) de oorspronkelijke begroting 2022 (voor de crisis) en een bijgestelde begroting 2022 (na de crisis) aantonen dat zij niet in staat is om de acute noodsituatie met eigen inkomsten of eigen middelen op te lossen. De Vereniging of Stichting dient voorts aan te tonen, bijvoorbeeld door middel van het verstrekken van correspondentie hieromtrent, dat zij geen beroep kon doen op het steunpakket van het Rijk, de provincie en/of derden dan wel dat de door de Rijksoverheid, provincie en/of derden toegekende noodsteun niet toereikend is (geweest) om de Acute noodsituatie te verhelpen. Noodsteun wordt niet verstrekt, indien uit de beoordeling van de gegevens blijkt dat de Vereniging of Stichting die een beroep doet op de Noodsteun voor de energiecrisis al in financiële moeilijkheden verkeerde; of de Vereniging of Stichting, ondanks de steun, naar verwachting niet binnen een redelijk termijn zelfstandig (zonder steun) kan blijven voortbestaan.

Rechtspraak bij dit artikel