Naar hoofdinhoud

Artikel 9

Bevoegdheid van de rekenkamer

Onderdeel van Verordening op de rekenkamer Dijk en Waard

De bevoegdheden van de rekenkamer moeten worden ontleend aan de Gemeentewet, in Hoofdstuk XIa, (artt. 182 t/m 185a) waaronder: De rekenkamer onderzoekt de doelmatigheid, de doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde beleid. Een door de rekenkamer ingesteld onderzoek naar de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde beleid bevat geen controle van de jaarrekening als bedoeld in artikel 213, tweede lid. Op verzoek van de raad kan de rekenkamer een onderzoek instellen. Bij het uitvoeren van haar taken kan de rekenkamer gebruik maken van de resultaten van de door anderen verrichte controles, onverminderd haar bevoegdheid tot het verrichten van onderzoeken. De rekenkamer is bevoegd alle documenten die berusten bij het gemeentebestuur te onderzoeken voor zover zij dat ter vervulling van haar taak nodig acht. Het gemeentebestuur verstrekt desgevraagd alle inlichtingen die de rekenkamer ter vervulling van haar taak nodig acht. De rekenkamer legt haar bevindingen en haar oordeel vast in rapporten. Voor dat de rekenkamer een rapport vaststelt, stelt zij in elk geval het onderzochte orgaan in de gelegenheid binnen redelijke termijn te reageren op haar bevindingen en voorlopige conclusies. De rekenkamer stelt elk jaar voor 1 april een verslag op van haar werkzaamheden over het voorgaande jaar. De rapporten en verslagen van de rekenkamer zijn openbaar.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel