**1..** Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs, als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs bezoekt, van wie het inkomen tezamen meer bedraagt dan € 27.900 wordt slechts een vergoeding verstrekt voor zover de kosten van het vervoer van die leerling de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 5 bepaalde afstand te boven gaan.
**2..** In geval het college in plaats van een vergoeding toe te kennen het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, betalen de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, per leerling per schooljaar een eigen bijdrage die gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 5 bepaalde afstand, indien het inkomen van de ouders meer bedraagt dan € 27.900.
**3..** De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die bij gebruik van de OV-chipkaart of een andere binnen de gemeente geldende OV-betaalmogelijkheid voor de in artikel 5 bepaalde afstand redelijkerwijs zouden worden gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer of het daadwerkelijk gebruik ervan. Bij het bepalen van de kosten wordt rekening gehouden met de kortingen die voor de leerling binnen het systeem kunnen gelden.
**4..** Het bedrag van € 27.900 genoemd in het eerste en tweede lid, wordt met ingang van 1 januari 2023 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 450. Het aangepaste bedrag treedt in plaats van het in het eerste en tweede lid genoemde bedrag van € 27.900.
**5..** Deze bepaling is niet van toepassing op leerlingen die vanwege hun handicap op ander vervoer dan openbaar vervoer zijn aangewezen, dan wel vanwege een handicap niet zelfstandig van openbaar vervoer gebruik kunnen maken.
**6..** Wanneer de aanvraag voor een vervoersvoorziening wordt gedaan door een voogdijinstelling die als ‘ouder’ kan worden aangemerkt, geldt geen drempelbedrag omdat zij geen natuurlijk persoon zijn en derhalve geen inkomen in de zin van de Wet op de inkomstenbelasting hebben.
Artikel 19.
Eigen bijdrage in de vorm van een drempelbedrag
Onderdeel van Verordening Leerlingenvervoer gemeente Vlaardingen 2023