**1..** Het pgb is niet hoger dan de kosten van de goedkoopste voorziening in natura die past bij wat de jeugdige of zijn ouders nodig hebben.
**2..** Het pgb is gebaseerd op een tarief per eenheid (uur, dagdeel of etmaal). Er wordt onderscheid gemaakt tussen drie soorten tarieven: instellingstarief, het zelfstandige zonder personeel (zzp)-tarief en het informeel tarief.
**3..** Van een instellingstarief is sprake als de hulp verleend wordt door onderstaande personen, met uitzondering van bloed- of aanverwanten in de 1e graad van de jeugdige:
personen die werkzaam zijn bij een instelling die ten aanzien van de voor het pgb uit te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staan in het Handelsregister (conform artikel 5 Handelsregisterwet 2007); en
die een kopie van een geanonimiseerde arbeidsovereenkomst kunnen overleggen waaruit blijkt welke cao wordt toegepast. Het dient daarbij te gaan om een voor de betreffende sector relevante cao die aangemeld is bij de directie UAW van het Ministerie van SZW; en
die een SKJ of BIG registratie kunnen overleggen indien van toepassing. Indien een registratie niet van toepassing is, dan wordt een kopie van een relevant diploma van een erkende Nederlandse instelling voor beroepsonderwijs verstrekt van de beoogde hulpverlener en een VOG die bij aanvang van de hulp niet ouder is dan 12 maanden.
**4..** Van een zzp-tarief is sprake als de hulp verleend wordt door onderstaande personen, met uitzondering van bloed- of aanverwanten in de 1e graad van de jeugdige:
personen die aangemerkt zijn als zelfstandige zonder personeel en ten aanzien van de voor het pgb uit te voren taken/werkzaamheden ingeschreven staan in het Handelsregister (artikel 5 Handelsregister 2007); en
die een SKJ of BIG registratie kunnen overleggen indien van toepassing. Indien een registratie niet van toepassing is, dan wordt een kopie van een relevant diploma van een erkende Nederlandse instelling voor beroepsonderwijs verstrekt van de beoogde hulpverlener en een VOG die bij aanvang van de hulp niet ouder is dan 12 maanden.
**5..** Indien de jeugdhulp wordt geboden door een persoon uit het sociaal netwerk is altijd sprake van een informeel tarief, tenzij er zwaarwegende redenen zijn om hiervan af te wijken.
**6..** Indien de beschreven documenten in het derde en vierde lid, niet worden overgelegd, is ten alle tijden sprake van een informeel tarief.
**7..** De hoogte van de tarieven per eenheid en onderscheiden soort zijn opgenomen in Bijlage 1. Een lager tarief wordt toegekend indien uit het budgetplan blijkt dat de jeugdhulp voor een lager tarief kan worden ingekocht.
**8..** Indien de kosten van de met het pgb in te kopen jeugdhulp hoger zijn dan de in het vorige lid bedoelde tarief, wordt het pgb voor het deel dat het tarief overstijgt, conform artikel 8.1.1, vierde lid onder a van de wet, geweigerd. De aanvrager betaalt in dat geval de meerkosten zelf aan de SVB.
**9..** Jaarlijks worden op 1 januari de instellings- en ZZP-tarieven die zijn opgenomen in Bijlage 1 geïndexeerd conform het indexeringspercentage van de NZa. Voor het informele tarief wordt telkens aangesloten bij het betreffende CAO (VVT)-uurloon inclusief vakantietoeslag en tegenwaarde verlofuren.
**10..** Het tarief op basis waarvan het pgb is berekend blijft in stand voor de duur van de beschikking.