Aan het verstrekken van een Persoonsgebonden budget (Pgb) zijn, naast de verplichtingen en voorwaarden zoals vermeld in artikel 2.3.6. van de Wet en artikel 11 van de Verordening de volgende aanvullende voorwaarden verbonden:
De cliënt dient een gemotiveerd verzoek in om voor een Persoonsgebonden budget in aanmerking te komen
De cliënt dient schriftelijke afspraken met de aanbieder te maken, waaruit in ieder geval blijkt dat het Persoonsgebonden budget veilig, doeltreffend en cliëntgericht wordt besteed
De afspraken dienen in een zorgovereenkomst te worden opgenomen
Een maatwerkvoorziening in de vorm van een verhuiskostenvergoeding of een sportvoorziening wordt enkel verstrekt in de vorm van een Persoonsgebonden budget.
Bij het verstrekken van een Persoonsgebonden budget voor inzet van hulp vanuit het sociale netwerk moet tijdens het onderzoek door de cliënt worden aangetoond dat
Het aantoonbaar tot betere en effectievere ondersteuning leidt en aantoonbaar doelmatiger is dan een maatwerkvoorziening in natura en;
er sprake is van overstijging van de gebruikelijke hulp en;
er sprake is van langdurige, omvangrijke en frequente ondersteuningsvraag
Hoofdstuk 3
Artikel 7
Persoonsgebonden budget (Pgb)
Onderdeel van Nadere Regels maatschappelijke ondersteuning 2018