In maart 2017 is het Plussenbeleid in werking getreden. Met het Plussenbeleid, zoals vastgelegd in de Omgevingsvisie en -verordening Gelderland, geeft de provincie vorm aan haar beleid voor de niet-grondgebonden veehouderij. Tot de niet-grondgebonden veehouderij horen agrarische bedrijven die hoofdzakelijk zijn gericht op veehouderij waarvan het voer voor de landbouwhuisdieren voor het grootste gedeelte niet wordt geteeld op de gronden die in de nabijheid van het agrarisch bouwperceel zijn gelegen waarop de veehouderij rechten heeft. Veehouderijen met varkens, pluimvee, vleeskalveren, pelsdieren en geiten zijn in de regel niet-grondgebonden veehouderijen.
Het Plussenbeleid zet in op een duurzame niet-grondgebonden veehouderij. Groei is mogelijk als de agrariër aanvullende maatregelen neemt op het gebied van dierenwelzijn, ruimtelijke kwaliteit en/of milieu, de zogenaamde ‘plussen’. Het moeten maatregelen zijn bovenop de generieke wettelijke eisen en vigerend provinciaal en gemeentelijk beleid. Het Plussenbeleid werkt door bij bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen.
De Omgevingsverordening stelt dat een bestemmingsplan of omgevingsvergunning een uitbreiding van een niet-grondgebonden veehouderijtak mogelijk kan maken als deze voldoet aan een door de gemeente vastgestelde, in overeenstemming met het Plussenbeleid zijnde, beleidsregel. Met de beleidsregel ‘Plussenbeleid gemeente Voorst’ wordt hieraan invulling gegeven.