Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf 1

Artikel 1.1

Voorwaarden voor aanvragen of meldingen

Onderdeel van Handboek Kabels en Leidingen

1.. De in dit hoofdstuk opgenomen voorwaarden zijn van toepassing op een aanvraag of melding voor werkzaamheden, respectievelijk voorschriften en beperkingen voor een vergunning, instemmingsbesluit of akkoordverklaring. 2.. Voor een aanvraag of melding moet gebruik worden gemaakt van een van de volgende formulieren die bij de betreffende gemeente verkrijgbaar zijn: het Aanvraag-/Meldingsformulier Kabel- en Leidingwerkzaamheden voor de aanvragen en meldingen conform de AVOI; het Meldingsformulier Aanvang Graafwerkzaamheden conform het Handboek (welk formulier tevens gebruikt zal worden voor de meldingen van werkzaamheden van niet ingrijpende aard dan wel spoedeisende werkzaamheden); het Gereedmeldingsformulier Graafwerkzaamheden conform het Handboek. 3.. Conform het bepaalde in de AVOI is vastgesteld dat bij de melding of aanvraag conform artikel 5, eerste lid, AVOI in ieder geval de volgende gegevens moeten worden versterkt: een machtiging indien het een melding betreft voor of namens een netbeheerder of andere opdrachtgever; naam, (e-mail)adres en telefoon- en faxnummer van de netbeheerder, opdrachtgever en/of grondroerder van de kabels en/of leidingen, alsmede van de (te machtigen) uitvoerder waarvan de contactpersoon de Nederlandse taal machtig moet zijn; een opgave van aantal, soort en beoogd gebruik van de kabels die direct of niet direct (indien de werkzaamheden betrekking hebben op elektronische communicatienetwerken) in gebruik worden genomen en de lengte en breedte van de kabelsleuf; een opgave van belanghebbenden/omwonenden en instanties die vooraf in kennis worden gesteld van de voorgenomen aanvang, beëindiging en aard van de werkzaamheden; een afschrift van de verkregen instemmingen of vergunningen van derden, te weten overige beheerders van de openbare ruimte zoals Pro Rail, het waterschap, Rijks- en Provinciale Waterstaat en Gasunie, waarvoor de aanvrager/melder zelf moet inventariseren of dergelijke vergunningen en instemmingen nodig zijn en ze ook tijdig aan moet vragen; het voorgenomen tijdstip van aanvang en beëindiging van de werkzaamheden; een opgave van ondergrondse of bovengrondse kasten inclusief de situering en afmetingen daarvan; een opgave van hetgeen door- of namens de netbeheerder ondernomen is om te voldoen aan de verplichting voortvloeiend uit de AVOI, inzake het (mede)gebruik van voorzieningen; een opgave van alle overige van belang zijnde feiten en omstandigheden gelet op de in artikel 9 AVOI genoemde belangen; een uitvoeringsplan, in ieder geval inhoudende: als hard copy in viervoud volledige en duidelijk leesbare tekeningen, op basis van GBKN, van het gewenste tracé inclusief opgave van de te verbinden locaties, met als schaal 1:500; bovendien digitaal, conform de eisen zoals vermeld op de gemeente specifieke pagina van het Handboek; een opgave van de te plaatsen objecten, alsmede van de situering daarvan; een beschrijving van de maatregelen voor de bereikbaarheid en bescherming van in de openbare gronden aanwezige kabels en leidingen; een omschrijving van eventuele opbrekingen van de verhardingen; een verkeersplan conform CROW-richtlijn 96b; dit plan kan ook nodig zijn voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning; de aanvrager of melder pleegt ten behoeve van dit verkeersplan zelf overleg met onder andere politie, verzorgings- en hulpdiensten, particuliere en openbare vervoerders en met de gemeente teneinde zorgvuldige afstemming en voorinformatie te bereiken; de maatregelen ter bescherming van de openbare voorzieningen (bomen, straatmeubilair etc.); de maatregelen voor de bereikbaarheid van percelen en opstallen in de nabijheid. de planning van het gehele werk inclusief de fasering en werkvolgordes. 4.. Bij de melding als bedoeld in artikel 4, tweede lid en artikel 5, derde en vierde lid, AVOI moeten in elk geval de volgende gegevens worden verstrekt: naam, adres en ondertekening van de netbeheerder (of diens gemachtigde) en de uitvoerenden, waarbij de contactpersoon de Nederlandse taal machtig dient te zijn; de dagtekening van de melding; de lengte van de sleuf die wordt opengebroken; het oppervlak van het lasgat dat wordt opengebroken. 5.. De netbeheerder, dan wel diens grondroerder, stelt op grond van de AVOI de gemeente tijdig, doch ten minste 14 dagen voor afloop van de onderhoudstermijn, in staat een opleveringsopname uit te voeren. 6.. De ondergrond en de verharding worden, met in acht name van de gestelde uitvoeringsvoorwaarden, na voltooiing van werkzaamheden minimaal teruggebracht in de oude staat, zijnde de hoedanigheid en kwaliteit zoals deze bestond voor aanvang van de werkzaamheden. Indien de gemeente dit wenst wordt een nulmeting uitgevoerd om vooraf een gezamenlijk beeld te hebben van de uitgangssituatie. 7.. De netbeheerder, dan wel diens grondroerder, is op grond van het algemene aansprakelijkheidrecht en de AVOI gehouden tot het, op basis van redelijkheid en billijkheid, vergoeden van alle schade, geleden en te lijden door de gemeente, voortvloeiende uit de door of vanwege de netbeheerder uit te voeren werkzaamheden. De berekening van de schadevergoeding is gebaseerd op vijf kostensoorten: herstel-, onderhouds-, beheers- en degeneratiekosten of werkelijke kosten, met als uitgangspunt kostendekkendheid voor de gemeente. 8.. Voor de berekening van de schadevergoeding worden als basis gehanteerd de herstraattarieven conform de landelijke ‘Richtlijn Tarieven Graafwerkzaamheden (Telecom): Richtlijn voor gemeenten ten behoeve van het berekenen van tarieven voor herstel-, onderhouds-, beheer- en degeneratiekosten bij (graaf)werkzaamheden door aanbieders in openbare gronden die in eigendom of beheer zijn van gemeenten’ uit 2004 en volgens de laatst vastgestelde landelijke tarieven, welke toepasselijkheid op termijn geëvalueerd wordt waarna mogelijke aanpassing plaatsvindt. De netbeheerder dient de calculatie op te maken en in te dienen, waarna de gemeente na einde werk en opname de factuur kan indienen. 9.. De netbeheerder is verantwoordelijk voor de kwaliteit van dit herstel gedurende 12 maanden, waarna de gemeente het onderhoud, middels een overdrachtsopname en proces-verbaal van oplevering en gebleken geschiktheid, overneemt. 10.. Aan herstel van bijzondere bestrating kan het college nadere voorwaarden stellen, waarbij de mogelijkheid wordt voorbehouden dat dit op kosten van de netbeheerder geschiedt indien het nodig is om de kwaliteit te handhaven. 11.. Indien binnen 5 jaar na groot onderhoud of herinrichting van de openbare gronden de netbeheerder werkzaamheden moet uitvoeren, zal het college bijzondere voorwaarden stellen aan het herstel. De hiermee gepaard gaande kosten zijn voor rekening van de netbeheerder. 12.. Ter bescherming van de belangen als genoemd in artikel 9, eerste lid, AVOI kan het college aan de instemming/vergunning het voorschrift verbinden van zekerheidsstelling voor nakoming van voorschriften en beperkingen. 13.. De netbeheerder moet bij geplande werkzaamheden de omwonenden (inclusief bedrijven en instellingen) ter plaatse van de uit te voeren werkzaamheden minimaal vijf werkdagen voor de start van de werkzaamheden schriftelijk informeren over aanvang, duur, aard en plaats. 14.. Gelet op afdeling 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 17, eerste lid, van de verordening, worden personen aangewezen die belast zijn met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens de verordening bepaalde voor het gehele grondgebied van de gemeente. De toezichthoudende bevoegdheden die uit de Algemene wet bestuursrecht voortvloeien gelden onverkort. 15.. In het geval door de gemeente ter plaatse geconstateerd wordt dat een werk in uitvoering is zonder dat de vereiste instemming of vergunning is verleend, en het werk valt niet onder spoedeisend werk/calamiteit, kan de gemeentelijke vertegenwoordiger een beschikking uitreiken aan de grondroerder, waarbij de grondroerder direct het opbreek-, graaf- en legwerk moet staken dan wel kan deze grondroerder de verplichting opgelegd krijgen om de ondergrond, verharding en openbare ruimte in het werkingsgebied van de betreffende instemming of vergunning weer in de oorspronkelijke staat terug te brengen. 16.. De bevoegdheid tot het stil leggen van werk is eveneens van toepassing indien: aanwijzingen en geboden die door vertegenwoordigers van de gemeente worden gegeven niet onverwijld worden opgevolgd; uitvoerend personeel van grondroerder zich onbehoorlijk, kwetsend en/of overlastgevend gedraagt; er onacceptabele verkeershinder en/of gevaarzetting voor het publiek ontstaat.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel