Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf 3

Artikel 3.4

Opnemen en herstel verharding

Onderdeel van Handboek Kabels en Leidingen

1.. Tenzij anders is overeengekomen, mag per dag geen grotere sleuflengte worden gemaakt, dan op die dag weer volledig kan worden dichtgemaakt. Zie voor gedetailleerde bepalingen hoofdstuk 4 van het handboek. 2.. De vergunninghouder is verplicht de ondergrond en de verharding na afloop van de werkzaamheden minimaal weer terug te brengen in de hoedanigheid en kwaliteit zoals deze bestond voor het aanvangen van de werkzaamheden. In het geval van verhardingen niet ouder dan 3 jaar moet voorafgaand aan de vergunningaanvraag met de gemeente overlegd worden over de wijze waarop vergunninghouder de vereiste kwaliteit wil bereiken en een en ander duurzaam kan garanderen. In het geval dat de door de gemeente gewenste duurzame kwaliteit niet kan worden bereikt kan zij vragen om de kabels en leidingen via een ander tracé te leggen dan wel de verharding over de volle breedte opnieuw te leggen. De kosten van het herstel van de verharding komen voor rekening van de vergunninghouder. 3.. In bijzondere gevallen, bijvoorbeeld straatwerk in (historische) kern, staatwerk bestaande uit bijzondere elementen of straatwerk waar garantie van derden op rust, kan gemeente van vergunninghouder verlangen dat deze verharding door- of namens de betreffende gemeente, op kosten van de vergunninghouder worden hersteld. Zie voor een globale omschrijving van deze situaties de gemeente specifieke hoofdstukken. 4.. De vergunninghouder moet rekening houden dat op een aantal plaatsen sprake is van gefundeerde elementenverharding of elementen die zijn gezet in specie of gestabiliseerd zand. Zie voor een globale omschrijving van deze situaties de gemeente specifieke hoofdstukken. 5.. Indien het aanvullen van de sleuf en/of het herstel van de verharding het leveren en aanbrengen van zand vereist zal de vergunninghouder zorgen voor het aanvoeren hiervan. De kosten van het leveren, transporteren en aanbrengen van het zand conform het Bouwstoffenbesluit komen voor rekening van de vergunninghouder. 6.. Asfalt- en overige gesloten verhardingen moeten door vergunninghouder tijdelijk worden hersteld met door vergunninghouder voor diens rekening aan te leveren betonklinkers. Het definitief herstel wordt op kosten van de vergunninghouder uitgevoerd door de gemeente.

Rechtspraak bij dit artikel