Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf 7

Artikel 7.3

Herstel groenvoorzieningen

Onderdeel van Handboek Kabels en Leidingen

1.. Beplantingsmateriaal welke verloren is gegaan ten gevolge van werkzaamheden aan kabels & leidingen wordt door (of in opdracht van) de betreffende gemeente in een gunstig jaargetijde vervangen op kosten van de vergunninghouder. 2.. In het proces van vergunningverlening kunnen aparte specifieke afspraken gemaakt worden over bijzondere omstandigheden, c q. afwijkende voorwaarden of werkzaamheden. 3.. Alle materialen en elementen moeten in de oorspronkelijke staat en onbeschadigd worden opgeleverd. 4.. De grond moet op zodanige wijze zijn afgewerkt dat er na klink sprake is van een vlakke aansluiting op de ongeroerde grond. Reservering voor klink mag max. 10 cm bedragen. 5.. Te handhaven struiken en vaste planten moeten binnen 24 uur na het gereedkomen van de grondwerkzaamheden ter plaatse zijn teruggeplant. 6.. Gazon moet, nadat de juiste hoogteligging van de grond is bereikt, worden ingezaaid. Vergunninghouder zal met de betreffende gemeente overleggen welk zaadmengsel ter plaatse van de grondroering moet worden toegepast.

Rechtspraak bij dit artikel