In de Verordening zijn de hoofdlijnen voor de bekostiging van het leerlingenvervoer vastgelegd. Er kunnen zich echter concrete gevallen voordoen waarin de Verordening alsook deze beleidsregels niet voorzien. Te denken valt hierbij aan gemeenschappelijke afspraken met andere gemeenten, combinaties van openbaar vervoer met aangepast vervoer, varianten in het gebruik van eigen vervoer etc. Artikel 25 van de Verordening bepaalt dat het college in dergelijke situaties, waarin de Verordening niet voorziet, beslist. Ook in situaties waarin deze beleidsregels niet of onvoldoende voorzien, beslist het college. Redelijkheid is hierbij het uitgangspunt. Bij de besluitvorming dient in de geest van de wet, de Verordening en de beleidsregels te worden gehandeld.
Hoofdstuk 6
Artikel 37.
Beslissing college in gevallen waarin de regels niet voorziet
Onderdeel van Beleidsregels bekostiging leerlingenvervoer gemeente Horst aan de Maas