Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.2

Woonkostentoeslag woningeigenaren

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Neder-Betuwe 2023

1.. Het college sluit bij de vaststelling van het recht en de hoogte van de bijzondere bijstand aan op de systematiek van de Wet op huurtoeslag. 2.. Het college kan bijzondere bijstand verlenen indien de woonkosten lager zijn dan de toepasselijke maximale huurgrens en deze noodzakelijke kosten voortvloeien uit bijzondere omstandigheden. 3.. Het college kan bijzondere bijstand verlenen aan de belanghebbende met woonkosten boven de maximaal subsidiabele huurgrens voor een periode van telkens 12 maanden maar in totaal gedurende niet meer dan 24 maanden indien deze noodzakelijke kosten voortvloeien uit bijzondere omstandigheden 4.. Aan de bijzondere bijstand als bedoeld in het vorige verbindt het college de verplichting dat belanghebbende actief een goedkopere woning zoekt en deze accepteert. In de beschikking worden concrete activiteiten over deze verhuisplicht opgenomen die in ieder geval van de belanghebbende worden verlangd. 5.. Het college wijst de aanvraag om (verlenging van de) bijzondere bijstand af indien de belanghebbende, als bedoeld in het vorige lid, zich niet of in onvoldoende mate heeft ingespannen om een goedkopere woning te verkrijgen en hem dit te verwijten valt, tenzij sprake is van zeer bijzondere omstandigheden. 6.. Indien belanghebbende, als bedoeld in het vierde lid, zich in voldoende mate heeft ingespannen zonder dat dit heeft geleid tot het verkrijgen van een andere woning, kan de woonkostentoeslag eenmaal met 12 maanden worden verlengd indien de noodzakelijke kosten voortvloeien uit bijzondere omstandigheden. 7.. In geval het college zeer bijzondere omstandigheden, als bedoeld in het vorige lid, vaststelt kan de bijzondere bijstand eenmaal met maximaal 12 maanden worden verlengd op grond van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de wet. De bijzondere bijstand wordt in de vorm van een lening verstrekt. 8.. De hoogte van de bijzondere bijstand bestaat uit de woonkosten verminderd met: de hypotheekrente, niet zijnde de aflossing of de premie van een spaarhypotheek; de hypotheekrente als voorfinanciering van voor de subsidie volgens de Beschikking geldelijke steun eigen woningen 1984; de onroerend zaak belasting voor zover het de aanslag betreft van het eigendom en daarvoor geen kwijtschelding is verleend; de erfpachtcanon; de waterschapslasten en dergelijke over het eigendom en niet-eigendom voor zover geen kwijtschelding is verleend; de afvalstoffenheffing voor zover geen kwijtschelding is verleend; de opstalverzekering; het rioolrecht. 9.. De hoogte van de bijzondere bijstand wordt afgestemd op de voorlopige teruggaaf van de Belastingdienst-Toeslagen waarover belanghebbende beschikt of redelijkerwijs kan beschikken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel