Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 5

Autorisatie begroting, investeringsruimte en investeringskredieten

Onderdeel van Verordening van de raad van de gemeente Amsterdam houdende regels over het financiële stelsel (Financiële verordening Amsterdam 2023)

1.. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting: de totale lasten en baten op programmaniveau en de lasten en baten per onderdeel daarvan als het programma is onderverdeeld; de mutaties in reserves op programmaniveau en per onderdeel daarvan als het programma is onderverdeeld; de in de begroting opgenomen investeringsruimte van een portfolio; het overzicht algemene dekkingsmiddelen; het overzicht kosten van overhead; de geraamde vennootschapsbelasting. 2.. Het college legt investeringsruimte die in de loop van het jaar benodigd is en niet in de begroting is opgenomen ter vaststelling aan de raad voor. 3.. Voor: investeringen die een bedrag van € 20 miljoen na aftrek van bijdragen van derden te boven gaan of investeringen waarvan de gemeenteraad dat bij de begrotingsbehandeling aangeeft legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel en een voorstel voor een investeringskrediet aan de gemeenteraad ter vaststelling voor. 4.. De begroting bevat voorstellen voor wijziging van de begroting van het lopende jaar voor zover die de toleranties voor programmaonderdelen, reserves en investeringsruimte als opgenomen in artikel 6 lid 2 van deze financiële verordening te boven gaan. 5.. De raad autoriseert met het vaststellen van een begrotingswijziging het aanpassen van de begroting waar de wijziging de onder lid 1 genoemde onderdelen raakt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel