Naar hoofdinhoud

Artikel 14

Kostprijsberekening

Onderdeel van Financiële verordening gemeente Leudal 2023

1. . Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een extracomptabel stelsel van kostentoerekening gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten alleen die indirecte kosten betrokken, die samenhangen met de door de gemeente verleende diensten. 2. . Bij de (indirecte) kosten worden betrokken de bijdragen aan en onttrekkingen van voorzieningen voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken activa en de kapitaallasten (bestaande afschrijvings- en rentelasten) van de in gebruik zijnde activa. Voor de rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht wordt daarbij ook de compensabele belasting over de toegevoegde waarde (btw) betrokken en de kosten van het kwijtscheldingsbeleid. 3. . De toerekening van overheadkosten aan rechten en heffingen vindt jaarlijks plaats door middel van een opslag op de directe productieve formatie-uren conform onderstaande berekening:Voor de toerekening van de overheadkosten aan de kostprijs wordt uitgegaan van een aandeel in de totale overheadkosten ter grootte van de geraamde directe kosten van de economische categorieën 1.1 Salarissen en sociale lasten en 3.5.1 Ingeleend personeel die worden besteed aan de desbetreffende goederen, werken, diensten en heffingen, gedeeld door de totale geraamde directe kosten van de economische categorieën 1.1 Salarissen en sociale lasten en 3.5.1 Ingeleend personeel.” De berekening die hieruit volgt is als volgt: totale overheadkosten x (door verdeelde salariskosten en inhuur product / totale salariskosten en inhuur) = overheadkosten in de kostprijs. 4. . Voor de inzet van materiële activa worden naast directe kosten, indirecte kosten en afschrijvingskosten, de rente voor de financiering van het actief toegerekend. Deze rente is een vergoeding voor de inzet van vreemd vermogen en van eigen vermogen. Het rentepercentages voor deze vergoeding wordt jaarlijks bij de behandeling van de begroting vastgesteld. 5. . Voor de kostprijsberekening wordt de methodiek voor de integrale kostentoerekening (directe en indirecte kosten) gehanteerd. 6. . Het college doet jaarlijks een voorstel aan de raad voor de hoogte van de gemeentelijke tarieven voor belastingen en rechten. 7. . Het college is bevoegd tot het vaststellen van tarieven en prijzen voor een gemeentelijke dienst of de levering van goederen of werken die niet krachtens de Gemeentewet aan de raad zijn voorbehouden.

Rechtspraak bij dit artikel