Uitgangspunt is dat logiesgewijze huisvesting van arbeidsmigranten bij voorkeur buiten het werkingsgebied van de GOM, in het (binnen) stedelijk gebied wordt gerealiseerd. En anders in het werkingsgebied van GOM in (vrijkomende) agrarische bedrijfswoningen, in karakteristieke of monumentale voormalige agrarische bebouwing, in bestaande agrarische bedrijfsgebouwen bij bestaande agrarische bedrijven, niet zijnde kassen maar in steen en ouder dan 10 jaar, en in bestaande niet-agrarische bedrijfsgebouwen bij bestaande niet agrarische bedrijven. Voor niet-agrarische bedrijfsgebouwen waarbij geen sprake (meer) is van een bestaand bedrijf in het werkingsgebied van GOM, wordt huisvesting niet uitgesloten, maar moet er gebruik gemaakt worden van de maatwerkprocedure om te beoordelen of aan het initiatief meegewerkt kan worden.
In deze beleidsregel wordt onderscheid gemaakt in verschillende gebiedscategorieën waarbinnen, onder voorwaarden, logiesgewijze huisvesting van arbeidsmigranten mogelijk gemaakt kan worden door middel van een omgevingsvergunning op grond van artikel 4, lid 9 van bijlage II van het Bor, voor afwijken van het bestemmingsplan.
5.1. Algemeen
Naast een individuele beoordeling op ruimtelijke en maatschappelijk aanvaardbaarheid wordt er getoetst aan de uitgangspunten, zoals opgenomen in artikel 3 en aan de volgende voorwaarden:
Het pand/perceel dient verkeerstechnisch gezien goed bereikbaar te zijn;
Het perceel dient groot genoeg te zijn om zowel parkeren als buitenruimte op eigen terrein te kunnen realiseren;
De logiesgewijze huisvesting vindt plaats binnen de bestaande bebouwing;
De voorziening is alleen bedoeld voor arbeidsmigranten.
5.2 Binnen Stedelijk gebied
Binnen het stedelijk gebied is logiesgewijze huisvesting van tijdelijke arbeidsmigranten niet toegestaan in panden met een woonbestemming, een hotelbestemming en op de begane grondlaag van panden met de bestemming ‘centrum’ gelegen in de bestemmingsplannen Noordwijk Binnen, Zeewaardig, Centrum Noordwijkerhout alsmede het bestemmingsplan De Zilk.
Voorkomen moet worden dat er een concentratie van logiesgewijze huisvesting voor arbeidsmigranten in een straat of wijk ontstaat. Maximaal 10% van de percelen of woningen in een straat mogen worden gebruikt voor logiesgewijze huisvesting, met een maximum van 2 locaties per straat; er is geen logiesgewijze huisvesting toegestaan op naastliggende percelen.
5.3. Werkingsgebied GOM
Zoals al eerder aangegeven is deze beleidsregel niet van toepassing op de logiesgewijze huisvesting van de arbeidsmigranten tijdens de piekperiode van maximaal 3 maanden bij de agrarische bedrijven zelf. Dit kan in een bestemmingsplan zelf geregeld worden.
Wel voorziet deze Beleidsregel in de mogelijkheid voor logiesvoorzieningen voorarbeidsmigranten in het werkingsgebied van GOM in (vrijkomende) agrarischebedrijfswoningen, in karakteristieke of monumentale voormalige agrarische bebouwing, inbestaande agrarische bedrijfsgebouwen bij bestaande agrarische bedrijven, niet zijndekassen, en in bestaande niet-agrarische bedrijfsgebouwen bij bestaande niet-agrarischebedrijven. Voor niet-agrarische bedrijfsgebouwen waarbij geen sprake (meer) is van eenbestaand bedrijf in het werkingsgebied van GOM, wordt huisvesting niet uitgesloten, maarmoet er gebruik gemaakt worden van de maatwerkprocedure om te beoordelen of aan hetinitiatief meegewerkt kan worden.
(Vrijkomende) agrarische bedrijfswoningen
De landschappelijke inpassing van bijbehorende functies (zoals parkeren, buiten ruimte enz.) in het buitengebied moet op een verantwoorde manier plaatsvinden. De ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied mag niet worden aangetast, conform het huidige ruimtelijke Provinciale beleid en het Landschapsperspectief uit de ISG2016.
In de (vrijkomende) agrarische bedrijfswoning mogen maximaal 15 arbeidsmigranten worden gehuisvest, waarbij er ook moet worden voldaan aan de eisen uit het Bouwbesluit.
Karakteristieke of monumentale voormalige agrarische bebouwing
Voorwaarde om mee te werken is dat het monumentale karakter van de bebouwing behouden blijft/verbeterd wordt. Dit wordt ter advisering voorgelegd aan de monumentencommissie.
De landschappelijke inpassing van bijbehorende functies (zoals parkeren, buitenruimte enz.) in het buitengebied moet op een verantwoorde manier plaatsvinden. De ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied mag niet worden aangetast. Conform het huidige ruimtelijke Provinciale beleid en het Landschapsperspectief uit de ISG2016.
In karakteristieke of voormalige agrarische bebouwing mogen maximaal 30 arbeidsmigranten worden gehuisvest, waarbij er ook moet worden voldaan aan de eisen uit het Bouwbesluit. Bij grotere aantallen is er sprake van maatwerk conform de “Procedure voor Maatwerk in de Greenport”.
Bestaande agrarische bedrijfsgebouwen bij bestaande agrarische bedrijven en niet agrarische bedrijfsgebouwen bij bestaande niet-agrarische bedrijven.
Inpandige logiesvoorzieningen mogen worden gebouwd voor ten hoogste 30 tijdelijke arbeidsmigranten. Bij grotere aantallen is sprake van een maatwerkprocedure, conform de “Procedure voor Maatwerk in de Greenport’.
De logiesvoorzieningen mogen alleen worden gebruikt ten behoeve van arbeidsmigranten, werkzaam bij het agrarisch bedrijf dan wel niet-agrarisch bedrijf waarvan het betreffende bedrijfsgebouw onderdeel uitmaakt.
De logiesvoorzieningen moeten voldoen aan het Bouwbesluit dan wel de opvolger van dit besluit.
De exploitatie van de logiesvoorzieningen mag slechts plaatsvinden door een SNF gecertificeerde logiesverstrekker, niet zijnde het inlenende bedrijf.
Er kan geen sprake zijn van latere (maatwerk)uitbreiding van bedrijfsgebouwen, meer dan de standaard maatvoering voor bedrijfsgebouwen in de bestemmingsplannen.
De eigenaar van het bedrijf toont vooraf aan dat tijdelijke huisvesting noodzakelijk is voor de bedrijfsvoering van het bedrijf. Hiervoor dient advies te worden ingewonnen bij een deskundige.
5.4. Bedrijventerreinen
De (gebouwen op) bedrijventerreinen zijn primair gereserveerd voor de vestiging van bedrijven. Hier is logiesgewijze huisvesting van arbeidsmigranten niet toegestaan.
5.5. Recreatiewoningen
Recreatiewoningen, al dan niet gevestigd op recreatieterreinen, zijn primair gereserveerd voor verblijfsrecreatie. Hier is logiesgewijze huisvesting van arbeidsmigranten niet toegestaan.
Hoofdstuk
Artikel 5
Afwijkingsregel per gebiedscategorie
Onderdeel van Beleidsregel Ruimtelijke randvoorwaarden logiesgewijze huisvesting tijdelijke arbeidsmigranten 2022 Duin- en Bollenstreek