Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 19.

Eisen t.a.v. opbreken en (indien van toepassing) herstellen gesloten verhardingen of wegen met verharding

Onderdeel van Nadere regels algemene verordening ondergrondse infrastructuur gemeente Westerkwartier 2023

1.. Het is in beginsel verboden ontgravingen te verrichten in wegen met een gesloten verharding. Behoudens in het geval wanneer er in deze wegen al kabels of leidingen aanwezig zijn die moeten worden gerepareerd of dat er aansluitingen op moeten worden gemaakt. In die gevallen wordt er gewerkt met voorafgaande (schriftelijke) toestemming van de gemeente. Voordat een asfaltconstructie wordt verwijderd, worden de grenzen van het betreffende uit te breken gedeelte op steenmaat tot de gewenste diepte ingezaagd. 2.. Bij mechanisch te verrichten grondwerk dient de asfaltsleuf minimaal 0,50 m breder te zijn dan de bakbreedte van de graafmachine. Het ondergraven van de asfaltverharding is niet toegestaan. 3.. Vervolgens wordt het asfalt verwijderd. De vrijgekomen materialen worden (voor zover dit mogelijk is) gescheiden naar: teerhoudend niet teerhoudend Beiden worden afgevoerd conform de CROW publicatie 210: 'Richtlijn omgaan met vrijkomend asfalt'. Indien van toepassing zorgt de grondroerder zelf voor de benodigde afvalstroomnummers. Een kopie van de acceptatie- of stortbonnen van een erkend en gecertificeerd verwerkingsbedrijf wordt direct overhandigd aan de directie. 4.. Sleuven in de asfaltverharding worden nadat de kabels of leidingen zijn gelegd, over de volle breedte opgevuld en verdicht en de oorspronkelijke funderingsconstructie wordt hersteld met menggranulaat 0/31,5 mm. De ondergrond van de fundering en de fundering voldoet na verdichting aan de technische eisen uit de meest recente Standaard RAW bepalingen. Indien onder de fundering de wapening aanwezig is dient deze opnieuw (met overlap) aangelegd te worden voordat de fundering wordt aangevuld. Het toe te passen materiaal en de overlap dient in overleg met de directie te worden bepaald. De netbeheerder/grondroerder is verantwoordelijk voor het onderhoud van de opgebroken gedeelte totdat de definitieve oplossing wordt toegepast. 5.. De te herstellen asfaltsleuf wordt dicht gestraat in een zandbed van 30 tot 50 mm brekerzand met betonstraatstenen, dikte 80 mm, (zo mogelijk in de kleur van het aanwezige asfalt) in elle-boogverband op een wijze die geen gevaar oplevert. De bovenzijde van de stenen dienen gelijk te liggen met het ingezaagde asfalt. De stenen dienen vlak ten opzichte van elkaar te worden gestraat. Indien er vooraf afspraken met de directie over zijn gemaakt kunnen de betonstraatstenen mogelijk worden afgehaald op de gemeentewerf. 6.. Indien het dichtstraten van een sleuf niet op deugdelijke wijze wordt uitgevoerd kan dat tot gevolg hebben dat de aansluitende verhardingen als gevolg van het gebruik door het verkeer verzakken of beschadigd worden. Dergelijke schade dient binnen 5 werkdagen op aanzeggen van de directie te worden hersteld. 7.. Het definitieve asfaltherstel laat de gemeente achteraf uitvoeren. De hiermee gepaard gaande herstelkosten worden in rekening gebracht bij de grondroerder/netbeheerder conform de hiertoe vastgestelde Schaderegeling Ingravingen.

Rechtspraak bij dit artikel