Een maatwerkvoorziening is gericht op de persoon met beperkingen. Hiermee wordt het volgende bedoeld:
• Er is altijd één individuele aanvrager die de maatwerkvoorziening aanvraagt of voor wie de maatwerk-voorziening aangevraagd wordt. De maatwerkvoorziening moet voor deze persoon noodzakelijk zijn in het kader van de Wmo en de maatwerkvoorziening moet op die persoon gericht zijn.
• Het is mogelijk dat een maatwerkvoorziening gedeeld wordt als twee of meer aanvragers hier indivi-dueel voor in aanmerking komen, bijvoorbeeld een traplift.
• De maatwerkvoorziening wordt alleen verstrekt ten behoeve van de persoon met beperkingen zelf. Medegebruik van maatwerkvoorzieningen is mogelijk. Voorbeelden daarvan zijn: een aangepaste auto waarin anderen mee kunnen rijden; een hellingbaan vanaf de openbare weg naar de toegang van een flat waar ook andere bewoners gebruik van maken.
In principe worden maatwerkvoorzieningen verstrekt waarvan men zelfstandig gebruik kan maken. Wanneer de persoon met beperkingen de voorziening niet zonder ondersteuning kan gebruiken en dit de enige passende oplossing is voor het probleem, kan deze worden toegekend.
Bij co-ouderschap, waarbij het kind verdeeld over de tijd bij beide ouders verblijft, wordt in beginsel slechts één voorziening verstrekt. Van ouders wordt verwacht dat zij over roerende voorzieningen en hulpmiddelen onderling afspraken maken.
Er zijn ook collectieve voorzieningen. Deze worden individueel verstrekt, maar worden door meerdere perso-nen tegelijk gebruikt. Het collectief vraagafhankelijk vervoer (Regiotaxi) is een collectieve voorziening.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1.4
Gericht op de persoon met beperkingen
Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning gemeente Bernheze 2023