Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Artikel 5

Onderdeel van Verordening Burgerinitiatief gemeente Aalten 2023

1.. Een burgerinitiatief moet schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend. 2.. De voorzitter brengt het initiatief onverwijld ter kennis van de raad en het college. 3.. De agendacommissie beoordeelt of het initiatief voldoet aan de in artikelen 3, 4 en 5 gestelde eisen. 4.. Als naar het oordeel van de agendacommissie sprake is van beletselen worden de indieners hiervan op de hoogte gebracht en gedurende een termijn van ten hoogste twee weken in de gelegenheid gesteld om de gebreken te herstellen. 5.. Als naar het oordeel van de agendacommissie het initiatief, ook na verstrijken van de in het vierde lid bedoelde hersteltermijn, niet voldoet aan de in de artikel 3, 4 en 5 gestelde eisen wijst de raad het burgerinitiatief af. De initiatiefnemers worden van dit besluit op de hoogte gebracht. 6.. Het college krijgt - nadat het in kennis is gesteld van het initiatief overeenkomstig tweede lid– de gelegenheid om binnen vier weken schriftelijk zijn mening over het burgerinitiatief aan de gemeenteraad kenbaar te maken. De reactie van het college wordt bij het initiatief gevoegd. 7.. Als naar het oordeel van de agendacommissie het initiatief voldoet aan de in artikelen 3, 4 en 5 gestelde eisen en de reactie van het college op het initiatief is ontvangen, dan wel nadat de in het zesde lid gestelde termijn is verlopen, voorziet de agendacommissie in de agendering en brengt de agendacommissie dit ter kennis van de indieners van het initiatief. 8.. Een woordvoerder namens de indiener(s) licht desgewenst tijdens de beeldvormende bijeenkomst het burgerinitiatief mondeling toe.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel