In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
a. aangepast vervoer: vervoer per besloten busvervoer, (school)busvervoer, taxi, taxibus, bustaxi of touringcar;
b. afstand: afstand tussen de woning en de school, gemeten langs de kortste voor de leerling voldoende begaanbare en veilige weg;
c. begeleider: ouder of persoon die door de ouders wordt ingezet om de leerling tijdens het vervoer te begeleiden;
d. buitenschoolse opvang: Eindhovense voorziening die opvang biedt aan schoolgaande kinderen voor en-of na schooltijd;
e. deskundige: onafhankelijk medisch of pedagogisch deskundige, de school of de in het OOGO bepaalde onafhankelijk deskundige;
f. eigen vervoer: vervoer per eigen motorvoertuig of fiets;
g. leerling met een beperking: een leerling als bedoeld in dit artikel, die door een structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische beperking niet, of niet zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruik kan maken;
h. leerling: de leerling die is ingeschreven bij een school als bedoeld in dit artikel;
i. OOGO: het Op Overeenstemming Gericht Overleg tussen het samenwerkingsverband en de gemeenten binnen het samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a, negende lid, van de Wet op het primair onderwijs en artikel 17a, negende lid, van de Wet op het voorgezet onderwijs;
j. openbaar vervoer: voor een ieder openstaand personenvervoer;
k. ouders: ouder(s), voogden of verzorgers van de leerling;
l. reistijd: totale tijdsduur die ligt tussen het verlaten van de woning en de aanvang van de schooldag volgens de schoolgids, minus maximaal 10 minuten, indien en voor zover de leerling het schoolgebouw met bijbehorend terrein gewoonlijk eerder bereikt dan de schoolgids aangeeft, dan wel de totale tijdsduur die ligt tussen het einde van de schooldag volgens de schoolgids en de aankomst bij de woning, plus een eventuele wachttijd voor het openbaar vervoer of maximaal 10 minuten bij gebruikmaking van aangepast vervoer;
m. samenwerkingsverband: samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a van de Wet op het primair onderwijs, artikel 28a van de Wet op de expertisecentra en artikel 17a van de Wet op het voortgezet onderwijs;
n. school: de schoollocatie waar de leerling onderwijs volgt. Dit is:
i. het primair onderwijs: basisschool of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs;
ii. het speciaal onderwijs: school voor speciaal onderwijs of het speciaal onderwijs binnen een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra;
iii. het voortgezet speciaal onderwijs: school voor voortgezet speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs binnen een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra; of
iv. het voortgezet onderwijs: school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs;
o. stage: praktische leertijd die onderdeel uit maakt van het onderwijsprogramma zoals opgenomen in de schoolgids;
p. toegankelijke school: school waarop de leerling is aangewezen van de verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke richting dan wel de openbare school;
q. vervoer: openbaar vervoer, aangepast vervoer of eigen vervoer tussen de woning dan wel de opstapplaats en de school dat plaatsvindt in aansluiting op het begin en einde van de schooldag volgens de schoolgids, tenzij de structurele handicap van een leerplichtige leerling die aansluiting onmogelijk maakt;
r. vervoersvoorziening:
i. bekostiging van de goedkoopst mogelijke wijze van openbaar vervoer voor de leerling en zo nodig diens begeleider;
ii. aanbieding van aangepast vervoer dat de gemeente verzorgt of doet verzorgen; of
iii. gehele of gedeeltelijke bekostiging van de door het college noodzakelijk geachte vervoerkosten van de leerling en zo nodig diens begeleider;
s. woning: plaats waar de leerling feitelijk en structureel verblijft.
Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.1
Artikel 5.1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Verordening Sociaal Domein gemeente Eindhoven