Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Kosten bouwkundige en woontechnische woonvoorzieningen

Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Rozendaal 2023

1.. De kosten van een woonvoorziening kunnen omvatten: de aanneemsom (hierin begrepen de loon- en materiaalkosten) voor het treffen van de voorziening; de risicoverrekening van loon- en materiaalkosten, met inachtneming van het bepaalde in de risicoregeling woning- en utiliteitsbouw 1991; het honorarium van architect of constructeur tot ten hoogste 10% van de aanneemsom inclusief BTW met dien verstande dat dit niet hoger is dan het maximale honorarium als bepaald in de Rechtsverhouding opdrachtgever - architect, ingenieur en adviseur DNR 2011, of een recentere versie van deze regeling; de kosten voor het toezicht op de uitvoering (alleen bij sociale woningbouw), indien dit noodzakelijk is, tot een maximum van 2% van de aanneemsom, exclusief BTW; de leges voor zover deze noodzakelijk zijn voor het treffen van de voorziening; de verschuldigde en niet verrekenbare- of terugvorderbare omzetbelasting; renteverlies, in verband met het verrichten van noodzakelijke betalingen aan derden voordat de bijdrage is uitbetaald, voor zover deze noodzakelijk zijn voor de bouw dan wel het treffen van voorzieningen. Voor het bepalen van dit bedrag wordt uitgegaan van het rentepercentage dat gold op het moment van de financieringsaanvraag; de prijs van bouwrijpe grond indien noodzakelijk, als niet binnen het oorspronkelijk kavel gebouwd kan worden, tot een maximum van de vierkante meters die minimaal noodzakelijk zijn om de voorzienig te realiseren; de administratiekosten die verhuurder maakt ten behoeve van het treffen van een voorziening voor de persoon met beperkingen voor zover de hiervoor onder a tot en met h genoemde kosten meer bedragen dan € 1.000,00, 10% van die kosten, met een maximum van € 350,00. vergoeding van de kosten van tijdelijke huisvesting (het indien noodzakelijk tijdelijk betrekken van een zelfstandige woonruimte of het langer moeten aanhouden van te verlaten woonruimte). De vergoeding wordt bepaald op het bedrag van de werkelijk gemaakte kosten met als maximum de geldende maximale maandhuur om in aanmerking te komen voor huurtoeslag. 2.. Indien een bouwkundige of woontechnische voorziening door of namens de aanvrager in eigen beheer wordt gerealiseerd, vervallen de in het voorgaande lid onder a en b genoemde loonkosten en worden alleen de materiaalkosten in aanmerking genomen.

Rechtspraak bij dit artikel