Voor zand dat in ophogingen of aanvullingen wordt verwerkt dient tot een diepte van maximaal 0,8 m onder bovenkant ophoging c.q. aanvulling de indringingsweerstand ten minste met 0,20 MPa per 10 mm diepte toe te nemen dan wel de volgende waarde te hebben:
Onder trottoirs: min. 2.0 N/mm²;
Onder elementenverhardingen van rijwegen: min. 4.0 N/mm²;
Onder asfaltverhardingen: min. 4.0 N/mm²;
Onder fiets- en voetpaden: min. 2.0 N/mm²;
In boomputten (trottoirs en parkeerstroken): min. 1.5 N/mm² en max. 2.0 N/mm².
Het bepalen van de indringingsweerstand dient door de aannemer te worden uitgevoerd met behulp van een door hem beschikbaar te stellen en door de directie goed te keuren handsondeerapparaat. Het kalibratierapport van het sondeerapparaat mag niet ouder zijn dan 1 jaar.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.3
Artikel 3.3.4
Ophogingen en aanvullingen
Onderdeel van Handboek Inrichting Maasgouw 2023-2026 (HIM) van de gemeente Maasgouw