**1..** Het is verboden de bodem te verstoren in een archeologisch monument of een gebied waar archeologische vondsten of waarden worden verwacht als in het daar geldende omgevingsplan niet is voldaan aan artikel 5.130 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, tenzij:
voor de activiteit een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, eerste of tweede lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet is verleend;
de verstoring plaatsvindt in het kader van een archeologisch (voor)onderzoek;
het de verstoring betreft van een archeologisch monument, waarde of verwachting die is aangegeven op de gemeentelijke archeologische beleids-, waarden- of verwachtingskaart, de provinciale archeologische monumentenkaart of de landelijke indicatieve kaart van archeologische waarden en het verrichten van de activiteiten geen strijd oplevert met door het college vastgestelde regels over de toegestane mate van verstoring;
de activiteit plaatsvindt op basis van een deugdelijke beschrijving van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening wordt gehouden en onevenredige schade voor archeologische waarden wordt voorkomen, of
met een vooronderzoek is aangetoond dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn of niet verstoord zullen worden.
**2..** De in het eerste lid onder d en e genoemde beschrijving en vooronderzoek, het onderzoeksproces wat daartoe heeft geleid en de archeologische waardestelling voldoen aan de binnen de beroepsgroep algemeen gangbare kwaliteitsafspraken en kwaliteitscriteria, zoals verwoord in de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie (KNA) en aan provinciale richtlijnen.
Hoofdstuk 5. › Afdeling 5.7
Artikel 5.20.
Vangnet archeologie
Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving gemeente Borsele