Algemeen
Op een voorwerp moeten de contactgegevens met telefoonnummer van de verantwoordelijke/eigenaar staan.
De geplaatste objecten dienen in goede technische staat te verkeren en geen gevaar voor derden op te leveren.
Bedrijven en omwonenden moeten uiterlijk twee weken van te voren schriftelijk geïnformeerd zijn over de activiteiten.
Na afloop van werkzaamheden dient het voorwerp direct te worden verwijderd. De locatie dient schoon en in goede staat te worden achtergelaten.
Alle aanwijzingen die door of namens de politie, brandweer en/of de manager Veiligheid en Handhaving worden gegeven, moeten direct worden opgevolgd.
Veiligheid
Voor hulpdiensten moet een vrije doorgang van tenminste 3,5 meter aanwezig zijn. In de vrije doorgang mogen geen obstakels aanwezig zijn.
Materialen die over de straat worden gespannen moeten op een hoogte van tenminste 4,2 meter worden opgehangen.
Een voorwerp wordt voorzien van een verticale rood/wit markering met een hoogte van tenminste 25 cm, welke goed zichtbaar is voor het verkeer. Bij een steiger wordt dit bevestigd aan de uiterste palen.
Bij duisternis wordt een voorwerp doeltreffend verlicht of voorzien van reflectiemateriaal roodwit van klasse 2 of 3. Bij een steiger wordt dit bevestigd aan de uiterste palen.
In- en (nood)uitgangen van woningen, bedrijven en andere gebouwen moeten worden vrijgehouden.
Op of boven brandkranen mogen geen materialen worden opgesteld (1 meter rondom vrijhouden).
Het voorwerp mag het zicht op verkeersstraatmeubilair niet ontnemen.
Steigers
De omgeving wordt gevrijwaard van vallend puin en dergelijke.
Steigerdoek mag alleen vanaf de eerste verdieping worden aangebracht, tenzij er werkzaamheden aan de begane grond worden verricht.
Het steigerdoek moet vanaf het aansluitende terrein tot een hoogte van ten minste 2,4 m brandvertragend zijn uitgevoerd en voldoen aan klasse 2 van NEN 6065, klasse B van NEN-EN 13501-1, klasse B1 van DIN 4102 of klasse M2 volgens NF P 92-503 tot en met NF P 92-505 en NF P 92-507 (Dit zijn de normen uit het Besluit brandveiligheid en basis hulpverlening overige plaatsen.)
Containers
In het Centrum mogen van 1 april tot en met 31 oktober alleen containers met een ontheffing staan en in de Kerkstraat, Haltestraat en op het Kerkplein alleen gesloten containers. Het Centrum is het gebied dat wordt begrensd door de straten: Burgemeester Engelbertsstraat (N200), Hogeweg (N201), Koninginneweg, Kostverlorenstraat en Zeestraat.
Voor heel Zandvoort geldt dat tussen 24 december 9.00 uur en 2 januari 9.00 uur alleen afsluitbare containers en laadbakken mogen staan, mits gesloten. Containers en laadbakken, die bedekt worden met alleen een zeil of een net o.i.d. worden niet als afsluitbaar aangemerkt.
Toiletcabines
In het Centrum en op de boulevards moeten van 1 april tot en met 31 oktober toiletcabines in het weekend zijn verwijderd, tenzij deze binnen deugdelijke hekwerken staan.
Het Centrum is het gebied dat wordt begrensd door de straten: Burgemeester Engelbertsstraat (N200), Hogeweg (N201), Koninginneweg, Kostverlorenstraat en Zeestraat.
Toiletcabines dienen na werktijd afgesloten te zijn.
Toiletcabines geplaatst voor en bij evenementen, vallen onder de evenementenvergunning en niet onder deze regels.
Artikel 2.
Algemene regels voor het voorwerpen voor (bouw)werkzaamheden
Onderdeel van Nadere regels voor plaatsen van voorwerpen voor (bouw)werkzaamheden Zandvoort 2022