Lid 1: De bevoegdheid tot het aangaan van overeenkomsten valt onder de mandaatverlening, tenzij er uitzonderingen in de bijlagen staan vermeld.
Lid 2: De mandaathouder die bevoegd is tot het aangaan van een overeenkomst is ook bevoegd deze te ondertekenen.
Lid 3: De portefeuillehouder is bevoegd om namens de gemeente overeenkomsten te ondertekenen voor zover burgemeester en wethouders besloten hebben de overeenkomsten aan te gaan en voor zover deze portefeuillehouder eveneens portefeuillehouder is voor het onderwerp in het kader waarvan de overeenkomst wordt aangegaan.