Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4:

Artikel 4.1

Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving Ermelo

1.. Het college stelt een Lijst waardevolle bomen en een Groenkaart stedelijk gebied Ermelo vast waarop de beschermenswaardige bomen en houtopstanden in de gemeente worden vermeld. 2.. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende houtopstanden te vellen of te doen vellen: houtopstanden vermeld op de in het eerste lid genoemde Lijst Waardevolle bomen; houtopstanden vastgelegd in de (concept)lijst monumentale bomen; houtopstand die is geplant volgens lid 8 van dit artikel; houtopstanden met een stamomtrek van minimaal 65 cm op een hoogte van 1,30 m boven het maaiveld die staan op de gemeentelijke hoofdgroenstructuur en nevengroenstructuur zoals aangegeven op de in het eerste lid genoemde Groenkaart stedelijk gebied Ermelo; houtwallen en singels, alsmede knotbomen en bomen met een stamomtrek van minimaal 65 cm op een hoogte van 1,30 m boven het maaiveld die deel uitmaken van een singel of houtwal; houtopstanden met een stamomtrek van minimaal 65 cm op een hoogte van 1,30 m boven het maaiveld die zijn vastgelegd in de soortenlijst Groenvisie Ermelo, te weten: zomereik, wintereik, beuk, grove den, linde en al hun soorten en variëteiten. 3.. Het verbod zoals opgenomen in lid 2c geldt niet voor een natuurlijk afgestorven houtopstand die korter dan 3 jaar geleden is geplant. 4.. In afwijking van artikel 1.9 kan de vergunning worden geweigerd op grond van: de natuurwaarde van de houtopstand; de landschappelijke waarde van de houtopstand; de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon; de beeldbepalende waarde van de houtopstand; de cultuurhistorische waarde van de houtopstand; of de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand. 5.. Het onder het tweede lid genoemde verbod tot vellen van houtopstanden geldt niet voor: het periodiek vellen van hakhout ter uitvoering van het reguliere onderhoud; het periodiek snoeien, knotten of kandelaberen als noodzakelijke beheermaatregel om een reeds aanwezige habitus in stand te houden; dunning van gemeentelijke houtopstand of particuliere houtopstand dat is gebaseerd op een door het bevoegd gezag goedgekeurd en vastgesteld beheerplan; houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektenwet of krachtens een aanschrijving van het college, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 4.2. 6.. Het tweede lid is niet van toepassing als de burgemeester toestemming verleent voor het vellen van een houtopstand in verband met een spoedeisend belang voor de openbare orde of een direct gevaar voor personen of goederen. 7.. Het verbod in het tweede lid geldt niet voor een houtopstand die staat buiten de door de gemeenteraad vastgestelde grenzen van de bebouwde kom en die: een oppervlakte grond beslaat van tien are of meer, of; bestaat uit een rijbeplanting die meer dan twintig bomen omvat, gerekend over het totaal aantal rijen. 8.. Het bevoegd gezag kan een herplantplicht opleggen onder nader te stellen voorschriften.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel