Naar hoofdinhoud

Artikel 7.

Aanvullende regels voor pgb

Onderdeel van Verordening jeugdhulp Veendam 2023

1.. Het college verstrekt op verzoek van de jeugdige of zijn ouders een pgb in overeenstemming met artikel 8.1.1 van de Jeugdwet. 2.. Onverminderd artikel 8.1.1, tweede en vierde lid, van de Jeugdwet en in aanvulling op artikel 3 verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belang-hebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte jeugdhulp noodzakelijk was. 3.. Het college bepaalt mede op basis van een door de jeugdige en/of zijn ouders opgesteld plan of wordt voldaan aan de vereisten van artikel 8.1.1 lid 2 van de Jeugdwet. In het kader van het waarborgen van de kwaliteit van de jeugdhulp als bedoeld in het vorige lid is in ieder geval vereist: dat de jeugdige of zijn ouders doorgeven wie de hulp verleent; dat de jeugdige of zijn ouders een Verklaring Omtrent het Gedrag van de hulp overleggen, niet ouder dan 3 maanden; dat als de hulp zorg omvat waarvoor krachtens landelijke kwaliteitseisen een minimale opleiding is vereist, deze persoon daadwerkelijk beschikt over de desbetreffende kwalificatie. 4.. Het college kent geen pgb toe als: niet wordt voldaan aan het bepaalde in het vorige lid; voor zover het pgb bestemd is voor dan wel besteed wordt aan hulp die er niet toe strekt de jeugdige de hulp te bieden die in de in die individuele voorziening is opgenomen; er sprake is van jeugdhulp in een spoedeisende situatie; er sprake is van pleegzorg. 5.. Het college kan een pgb weigeren als in de drie jaren voorafgaand aan de datum van het onderzoek toepassing is gegeven aan artikel 8.1.4 eerste lid, onderdeel a, d en e van de Jeugdwet. 6.. De hoogte van een pgb: wordt vastgesteld aan de hand van een door de jeugdige en/of zijn ouders opgesteld plan over hoe zij het pgb gaan besteden; wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede jeugdhulp van derden te betrekken; bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate individuele voorziening in natura; betreft een vast bruto tarief per uur, per dagdeel of per etmaal exclusief werkgeverslasten; voor 24-uurs toezicht in de nabijheid van de jeugdige en/of met begeleiding en/of met persoonlijke verzorging en/of met verpleging, kan, in afwijking van het bepaalde onder d, een jaartarief betreffen; voor ondersteuning door informele hulp geldt voorts dat het tarief toereikend is te achten voor een niet opgeleid persoon. 7.. De jeugdige of zijn ouders aan wie een pgb wordt verstrekt, kan jeugdhulp betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk. Voor deze persoon geldt een tarief dat niet hoger is dan het tarief voor informele hulp. Het college vraagt bij een persoon die tot het sociale netwerk behoort, dat een Verklaring Omtrent het Gedrag wordt overgelegd. 8.. Het college stelt met inachtneming van het bepaalde in deze verordening nadere regels ten aanzien van de berekeningswijze van pgb’s. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende vormen van zorg en ondersteuning en, voor zover van toepassing, in ieder geval in verband met de te bieden deskundigheid en/of het vereiste opleidingsniveau en of er gewerkt wordt volgens toepasselijke professionele of kwaliteitsstandaarden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel