De subsidieverstrekking kan naast de in artikel 4:25 en 4:35 van de Awb, artikel 10 van de ASV en de in artikel 6 eerste lid van deze regeling genoemde gevallen in ieder geval geweigerd worden indien:
er gegronde reden bestaat aan te nemen dat de activiteiten van het samenwerkingsverband niet in voldoende mate in het algemeen regionaal belang zijn;
het samenwerkingsverband ook zonder subsidie over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden, kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken;
de activiteiten zoals blijkt uit de ingediende begroting een onvoldoende betrouwbare financiële basis hebben;
de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;
het samenwerkingsverband doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde;
de activiteiten een politiek, godsdienstig of levensbeschouwelijk doel hebben;
de aanvraag niet aan het bepaalde in deze regeling voldoet.