Naar hoofdinhoud
1.. Burgemeester en wethouders neemt in de paragraaf grondbeleid van de begroting en de jaarstukken de verplichte onderdelen op grond van artikel van 16 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten op. 2.. Burgemeester en wethouders biedt ter vaststelling de raad jaarlijks een Meerjaren-Prognose-Grondexploitatie (MPG) ter besluitvorming aan. 3.. De MPG is gebaseerd op de per 31-12 geactualiseerde grondexploitaties en bevat minimaal informatie over: het programma in de grondexploitatieportefeuille (het te realiseren vastgoed); het geïnvesteerde vermogen in de grondexploitatieportefeuille (de boekwaarde); de meerjarenraming van de nog te realiseren kosten en opbrengsten voor de restant looptijd van de grondexploitatieportefeuille (de exploitatie); de effecten van de actualisatie op het geprognosticeerde financiële resultaat van de grondexploitatie-portefeuille; de effecten van de actualisatie op de risico’s van de grondexploitatieportefeuille en het benodigde weerstandsvermogen; Effecten van de actualisatie op het faciliterend grondbeleid (bijv. anterieure overeenkomsten). 4.. Burgemeester en wethouders biedt de raad ten minste eens in de 4 jaar een nota grondbeleid aan. De raad stelt de nota grondbeleid vast. De nota grondbeleid bevat in ieder geval: de strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente; te ontwikkelen en in ontwikkeling genomen projecten; het verloop van de grondvoorraad; de uitgangspunten voor de verkoopprijzen van gronden; de wijze waarop met de toerekening van bovenwijkse voorzieningen wordt omgegaan. 5.. Burgemeester en wethouders biedt de raad jaarlijks een grondprijzenbrief aan met een vastgestelde uitgifteprijs voor zowel maatschappelijke grond als intern door te leveren grond. 6.. De voorziening voor verliesgevende grondexploitaties wordt gewaardeerd tegen nominale waarde.

Rechtspraak bij dit artikel