Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Inrichting begroting en jaarstukken

Onderdeel van Financiële verordening (artikel 212 Gemeentewet) gemeente Vlaardingen 2023

1.. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt: van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de uitputting van het investeringskrediet in het lopende boekjaar weergegeven, en in aanvulling op het bepaalde in de artikelen 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming, de investeringen en de grondexploitatie. 2.. In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven en inkomsten weergegeven. 3.. In het overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten per programma worden posten vanaf € 200.000 afzonderlijke gespecificeerd. 4.. In de begroting zijn verschillen in de raming groter dan € 200.000 per programma ten opzichte van de vorige (gewijzigde) raming inhoudelijk toegelicht. 5.. Bij de begroting staan onder elk van de programma’s de geraamde lasten en baten naar taakveld en bij de jaarstukken staan onder elk van de programma’s de gerealiseerde lasten en baten naar taakveld. 6.. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting zijn nieuwe exploitatielasten verwerkt in een ‘overzicht nieuw beleid’. Hieronder zijn ook de investeringskredieten met de bijbehorende exploitatielasten begrepen. 7.. In de jaarstukken zijn verschillen in de realisatie groter dan € 100.000 per programma of € 50.000 op taakveldniveau ten opzichte van de gewijzigde begroting inhoudelijk toegelicht.

Rechtspraak bij dit artikel