We zetten in op een duurzame en robuuste waterhuishouding en een zoveel mogelijk aaneengesloten watersysteem in Vijfheerenlanden, met een goede waterkwaliteit en minimale peilschommelingen. We willen wateroverlast op een natuurlijke manier bestrijden, door gebruik van de sponswerking van een gezonde organische en schone bodem (zie paragraaf 4.3.2). Regen- en oppervlaktewater krijgen dan de tijd om het grondwaterniveau geleidelijk aan te vullen. Belangrijk is dat we gebiedseigen water vasthouden en infiltreren. Op deze manier kunnen we watertekorten en verdroging in de toekomst voorkomen. Op verschillende plekken in het buitengebied willen we ruimte bieden voor vernatting van het landschap, afhankelijk van de bodem en functies en met behoud van de identiteit. Dat geldt in het bijzonder voor de overgang van de hogere stroomruggen naar de lager gelegen veengebieden, in bodemdalingsgevoelige gebieden, in weidevogelgebieden en in aansluiting op bestaande broekbossen en boezemgebieden. Bij het bepalen van ruimtelijke functies en het instellen van peilbeheer zullen we klimaatscenario’s en bijbehorende effecten betrekken.
Bovendien willen we het netwerk van ‘prachtsloten’ (gericht op meer biodiversiteit en een betere waterkwaliteit in het agrarisch landschap) uitbreiden en ruimte bieden voor waterrijke landgoederen en broekboslandgoederen. We zullen zuiniger en efficiënter met het beschikbare water moeten omgaan. De nieuwe omgang met water kan de rol van agrariërs verbreden met nieuwe, meer gedifferentieerde bedrijfsmodellen (zie paragraaf 4.1.2).
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.3
Artikel 4.3.4
Watersysteem
Onderdeel van Landschapsvisie Vijfheerenlanden 2040