De ontheffing kan worden ingetrokken indien:
de houder van de ontheffing daartoe verzoekt;
ter verkrijging van de ontheffing bewust onjuiste gegevens zijn ingediend;
de motivering, op grond waarvan de ontheffing is verstrekt, is vervallen of gewijzigd;
de aan de ontheffing verbonden voorschriften niet worden nagekomen;
bij herhaling sprake is van misbruik of een ander gebruik van de ontheffing, dan waarvoor deze is bedoeld;
de ontheffing valselijk is opgemaakt of vervalst is met het oogmerk om deze als echt en onvervalst te (laten) gebruiken.
Hoofdstuk
Artikel 17
Intrekken van de ontheffing
Onderdeel van Beleidsregels ontheffingen van verkeersmaatregelen Goes 2017