Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.3.

Last onder bestuursdwang

Onderdeel van Beleidsnota artikel 13b Opiumwet, gemeente Vlissingen 2021 (1e herziening)

In de Algemene wet bestuursrecht is een volledige paragraaf gewijd aan de last onder bestuursdwang, namelijk paragraaf 5.3.1. Deze paragraaf begint met artikel 5:21 waarin is aangegeven wat onder bestuursdwang moet worden verstaan, namelijk: de herstelsanctie inhoudende: een last tot geheel of gedeeltelijk herstel van de overtreding, en de bevoegdheid van het bestuursorgaan om de last door feitelijk handelen ten uitvoer te leggen, indien de last niet of niet tijdig wordt uitgevoerd. Proportionaliteit en subsidiariteit Gebruikmaken van de bestuursdwang wordt in beginsel pas toelaatbaar geacht wanneer: er sprake is van een verboden situatie en/of een overtreding van een wettelijk voorschrift; én het belang van daadwerkelijk optreden zorgvuldig wordt gemotiveerd; én de op te leggen maatregel in redelijke verhouding staat met de overtreding (met andere woorden, dat is voldaan aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit). Bestuursdwang is een reparatoire maatregel. Anders dan een punitieve maatregel is bestuursdwang niet gericht op bestraffing of leed toevoeging, maar op het ongedaan maken, beëindigen of voorkomen van een overtreding. Gelet op de aard van de overtreding zal de overtreding onmiddellijk ongedaan wordt gemaakt of wordt beëindigd. Uitvoering van bestuursdwang betekent - in het kader van de uitvoering van dit beleid – dat het lokaal of de woning bij sluiting ook feitelijk namens het bestuursorgaan wordt gesloten. Dit kan op verschillende manieren uitgevoerd worden. Niet betreden De sluiting is feitelijk van aard, en brengt met zich mee dat de woning of het lokaal door niemand mag worden betreden. Het gebouw mag alleen worden betreden als de burgemeester daartoe toestemming heeft verleend. In de regel wordt slechts toestemming verleend in geval van een dringende en/of zwaarwichtige reden. Daarom moet een schriftelijk en gedetailleerd verzoek worden ingediend, waaruit in ieder geval duidelijk moet blijken voor wie het verzoek geldt, voor welk doel en voor welke periode.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel